zaterdag 16 juli 2016

Taart met pistachecrème, abrikozen en frambozen


Verse abrikozen. Een paar vrijdagen al werden mijn ogen er naar toe getrokken als ik op de markt rondliep. Maar ja, er zijn ook aardbeien, meloenen, kersen, mango's, perziken en die lagen allemaal nog op de fruitschaal. Dus gewoon als handfruit kopen was niet zo'n slim idee. Wat dan? Nadat ik met het oog op de vakantie de vriezer en de voorraadkast kritisch had bekeken, besloot ik om een taart te maken. Het fonceerdeeg kwam uit de vriezer, en het bakje pistachenoten moest ook nodig leeg.


Taart met pistachecrème, abrikozen en frambozen

(rechthoekige vorm met losse bodem van ± 12 bij 36 centimeter)

  • 350 gram fonceerdeeg*)
  • 75 gram pistachenoten
  • druppel amandelextract
  • 2 eieren
  • 75 gram suiker
  • 20 gram bloem
  • 7 abrikozen
  • 10-12 frambozen
  • 1/2 zakje taartgelei
  • 1 eetlepel limonadesiroop tropische vruchten
Maal de pistachenoten fijn. Klop de eieren iets los met de suiker. Zeef de bloem erboven en meng dit erdoor tot je nauwelijks meer klontjes ziet. Roer de gemalen pistachenoten en de druppel amandelextract door de vulling. Verdeel de pistachecrème over de bodem. Bak de taart op 160C in ± 30 minuten bijna gaar. Zet de oven dan nog 10 minuten op alleen onderwarmte (160C) als je die mogelijkheid hebt. Dan krijg de bodem nog een extra boost. Bak de taart anders nog 5 minuten op hetelucht. 
Als je wilt, kun je de abrikozen ontvellen. Breng hiervoor in een klein pannetje een laag water aan de kook. Kruis het velletje van de abrikoos in. Dompel een abrikoos ongeveer 10 seconden in het kokende water. Trek het vel van de abrikoos. Bij mij werkte dit niet, dus ik heb ze gewoon dun geschild. Halveer de abrikozen en verwijder de pit. Verdeel de abrikooshelften en de frambozen over de taart. 
Roer het taartgeleipoeder door 1,25 deciliter water en de lepel limonadesiroop. Breng aan de kook terwijl je blijft roeren. Laat nog 1 minuut doorkoken. Laat iets afkoelen en bestrijk de abrikozen en frambozen met de gelei en lepel de rest tussen de vruchten. 


*) fonceerdeeg
(voor 3-4 porties) 
  • 250 gram zachte boter
  • 250 gram witte basterdsuiker
  • 1 theelepel zout
  • 1 ei
  • 2 eetlepels water
  • 500 gram bloem
  • 2 theelepels bakpoeder
Meng de boter, basterdsuiker, zout, ei en water in de keukenmachine. Meng daarna, met de kneedhaak, de bloem en het bakpoeder erdoor. Verdeel in 3-4 porties en laat het een paar uur rusten voordat je het gebruikt. De rest kun je invriezen. 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen