Posts tonen met het label kardemom. Alle posts tonen
Posts tonen met het label kardemom. Alle posts tonen

woensdag 22 december 2021

Kerstboomtaart met chocolademousse, perencompote, meringue - cover kerstnummer Delicous

 

Dit was mijn kerstbakproject. Nou ja, eigenlijk pre-kerstbakproject. De kerstboomtaart sierde de cover van het kerstnummer van Delicious. Na het lezen van het recept vond ik dat het wel haalbaar moest zijn. Ik maakte deze taart het afgelopen weekend en toen aten we 'm ook. Het is een taart voor veel mensen. In plaats van een kerstkaart bracht ik een aantal buren een stukje kersttaart. 

De taart bestaat uit een financierbodem. Dat is een cakeachtige bodem van eiwit, amandel, bloem, boter en poedersuiker. In dit geval op smaak gebracht met vijfkruidenpoeder. De vulling bestaat uit een perencompote (met kaneel, kruidnagel en mandarijn), chocolademousse (die ik nog op smaak bracht met kardemom) en meringue. De meringue is meer marshmallow-achtig. Er gaat ook gelatine door. Als smaakmaker zat hier rozemarijn in. 

Het recept staat gewoon op de site van Delicious. In deze blogpost mijn verhaal over hoe het bakken van deze taart mij verging. 

Als eerste een beetje een kritische opmerking. Bij het recept wordt opgemerkt dat patissiers nauwkeurig zijn en daarom ook de slagroom en de rode wijn in grammen afwegen in plaats van in milliliters. Waarom wordt er dan in het recept gesproken over het sap van 1 mandarijn? Zeg dan hoeveel milliliter (of eigenlijk dus gram) mandarijnsap je nodig hebt. En geef van de peren het gewicht na schillen en klokhuis verwijderen.

Mensen die mij al een tijdje volgen weten dat ik bij koken en bakken niet zo van de tot op de gram nauwkeurig ben. Mijn baksel zijn gewone huis- tuin- en keukenbaksels, geen patisserie. Dus de perencompote maakte ik ook gewoon lekker anders. Ik houd niet zo van wijn, dus ik gebruikte alleen mandarijnsap. En de geleisuiker die ik in huis had is een 2:1-geleisuiker. Daar kun je een minder zoete jam mee maken omdat er verhoudingsgewijs meer pectine aan de suiker is toegevoegd. In plaats van de in het recept genoemde 500 gram geleisuiker gebruikte ik 400 gram 2:1. Toch vond ik mijn perencompote nog wat aan de dunne kant, dus voegde ik nog wat gelatine toe. Wat overigens volgens mij geen invloed had op het uiteindelijke resultaat. Ik raad aan om de compote dus zeker 1 dag (maar 2 kan ook prima) van tevoren te maken zodat je die nog eventueel kan verstevigen als dat nodig blijkt te zijn. 

Het is sowieso slim om alle elementen (een dag) van tevoren te maken. Alles moet afkoelen voordat je de taart samenstelt. De meringue maakte ik wel zaterdagochtend, en we aten het eerste stukje bij de koffie die dag. Maar hij houdt zich goed dus een dag van tevoren moet ook kunnen. Wel denk ik dat ie dan iets minder makkelijk verwerkt kan worden omdat de gelatine is opgesteven. Je zult denk ik met een mes de meringuesliert van de spuitzak moeten lossnijden. 

Bij het maken van de meringue schoot ik lichtelijk in de stress. Hij bleef behoorlijk vloeibaar. Maar stug doorkloppen tot de meringue echt flink was afgekoeld deed het 'm. Ik kreeg een stevig schuim dat zijn vorm behield. En na een nacht in de koelkast was het schuim zelfs nog steviger geworden. Een standmixer (met ballongarde) is wel handig om te hebben maar een ouderwetse handmixer werkt ook. Vervolgens moest het schuim in de spuitzak. Op dat moment vroeg ik me weer af waarom ik deze taart ook al weer wilde maken. Ik heb een soort haat-liefdeverhouding met spuitzakken en zeker als er een plakkerig goedje als meringue in moet. Daarom schep ik meringue meestal met een lepel op een taart, maar dat was in dit geval niet echt een optie. Voor de chocolademousse gebruikte ik een stevige ziplockzak waar ik een puntje afknipte. De mousse moest na een nacht in de koelkast wel weer wat zachter worden om 'm goed te kunnen verwerken. 

De taart bestaat uit 5 lagen van verschillende grootte. Het beslag maak je in een grote kom. Hoe weet je dan hoeveel beslag je in welke vorm moet scheppen? Hiervoor moet je even ouderwets rekenen. Bereken de oppervlakte van elke taartlaag. Je weet wel, de oppervlakte van een cirkel is pi r kwadraat, waarbij r de straal (dus halve diameter) is. En pi zit onder een knopje op je rekenmachine. Vervolgens tel je al die oppervlaktes bij elkaar op. En dan bereken je voor elke vorm hoeveel procent van het totaal deze vorm is. Het totaalgewicht aan beslag weeg je ook. En dan pas je de percentages op het totaalgewicht toe. Ik heb van veelgebruikte schalen en pannen een briefje in de keuken liggen wat het lege gewicht is. Dus dan kan ik heel snel bepalen wat het gewicht van de inhoud is. Hier is een tabelletje voor de lagen van deze kersttaart.

En hoe krijg je zo'n taart dan mooi verdeeld? Gewoon weer uit elkaar halen en elke laag apart in stukjes snijden. Dat ging goed. Gelukkig maar, want ik had ook 3 lagen via thuisgekookt aangeboden. Een schep extra compote ging er in een bakje bij. Daarvan had ik verhoudingsgewijs weinig gebruikt om de taart mee te vullen. 

En voor hoeveel mensen is deze taart? Volgens het recept voor 16 mensen, maar ik denk dat je er meer porties uit kan halen. Sowieso is het best een machtige taart. En als je het dan ook nog als dessert eet na een uitgebreid kerstdiner, dan vind ik 1/16 echt veel te veel. Van mijn kerstboomtaart was de onderste laag was voor onszelf. Daar sneed ik dan 3 keer (zaterdag, zondag en maandag) 3 stukjes van. In tienen zou ook nog prima kunnen. De 2e laag kan zeker in 6, de middelste in 4 en de een-na-bovenste in 2. De bovenkant is, met een extra lepel chocolademousse en perencompote ook nog 1 portie. Dan zit je al op 10+6+4+2+1=23. Verder had ik ook nog veel vulling over en de afsnijdsels van de financierlagen. Daar maakte ik "troeptoetjes" van. Zeg maar een soort trifle. Die hadden dan verhoudingsgewijs wat minder bodem, maar dat waren nog zeker 6 toetjes.  Gezien de hoeveelheid suiker in het hele recept (bodem 400 gram (poeder)suiker, compote 500 gram (gelei)suiker, meringue 500 gram kristalsuiker dus in totaal 1,4 kilo suiker) vind ik bijna 30 porties een betere keuze. 

Was het een moeilijke taart om te maken? Ik vind de meringue het lastigste element. Ik durfde het ook niet aan om de gelatine in het schuim te gooien. Ik was bang dat het niet goed en regelmatig zou smelten en dat je dus klontjes gelatine zou proeven. Daarom liet ik de gelatine in het laatste beetje suikersiroop (van het vuur af!) smelten zodat ik kon zien dat het oploste. Dat klopte ik vervolgens nog snel door het schuim. De rest is prima te doen. Was het een lekkere taart? Ja zeker. De smaakcombinaties zijn voor herhaling vatbaar. Ik denk alleen dat ik het dan in een iets andere vorm giet. 

woensdag 27 november 2019

Pannenkoekjes met amandel, peer en kardemom


Jarenlang dronk ik melk bij het eten. Gewone melk van een koe dus. Op een gegeven moment is dat een stuk minder geworden en nu drink ik nog zelden een glas melk. Misschien omdat ik nu yoghurt met cruesli als ontbijt eet? Wel gaan er nog een aantal pakken melk per week door heen. Ik drink mijn koffie met "warme melk uit de magnetron", GZQ drinkt melk, manlief maakt zijn havermout met melk, ik gebruik het voor bechamelsaus, door de aardappelpuree. Inmiddels zijn er veel alternatieven voor koemelk op de markt. Voor mensen die geen dierlijke producten willen gebruiken, mensen die een lactose-intolerantie hebben of mensen die melk gewoon niet lekker vinden. Ikzelf heb geen reden om een plantaardig alternatief te gebruiken. Op de of andere manier lijkt mij het gewoon niet lekker om een glas amandel- of haver"melk" te drinken. Heel raar misschien. En ik ben ook in andere toepassingen bang voor een bijsmaakje. Voor een groot deel waarschijnlijk nergens op gebaseerd, maar het zij zo. Toen ik in de foodybox een fles zuivelvrij-amandel van Innocent kreeg, was er niet direct een idee. Ja, manlief kan het in zijn havermout gebruiken, maar dat is ook zo saai. Omdat er natuurlijk wel een tht-datum op staat, bedacht ik om er pannenkoekjes mee te bakken. Door ook nog deels havermeel te gebruiken, is dit gewoon een iets chiquere (en bewerkelijker) versie van het havermoutontbijt van manlief. 

In de foodybox zaten ook peren van SweetSensation. Ze worden aangeprezen als de peer voor onderweg. Ik heb ze gewoon thuis gegeten. Eerlijk gezegd vond ik de schil iets stug, dus voor onderweg zou ik ze juist minder geschikt vinden. Wel waren de peren lekker en dat is best een dingetje met peren. Meestal heb ik Doyenné de Comice of Conference. Doyenné is meestal iets lekkerder, maar ook kwetsbaarder en sneller overrijp. Voor Conference moet je geduld hebben en dan is alleen de hele bak in 1 keer rijp. Ik schil er dan meestal 2 en eet van allebei een stukje, beslis welke het lekkerst is, en bewaar die voor de laatste happen. De SweetSensation bleef ook best lang goed. Ik bewaarde ze wel in de koelkast. 

Het beslag voor deze ontbijtpannenkoekjes maakte ik al de avond van tevoren. Door het lange rusten wordt het wel wat dikker. Op zich is dat fijn bij het bakken van kleine pannenkoekjes omdat het deeg niet zo snel uitvloeit. Als je het beslag te dik vindt, kun je natuurlijk ook de volgende ochtend nog een klein beetje amandeldrink door het beslag roeren.

Pannenkoekjes met amandel, peer en kardemom

(recept van bijnanetzolekkeralsthuis)
  • 75 gram havermout (of gebruik havermeel)
  • 75 gram bloem
  • 50 gram volkorenmeel
  • snuf zout
  • 4 deciliter amandeldrink
  • 1 ei
  • olie om te bakken
  • 5 kardemompeulen
  • 10 gram boter
  • 1 grote peer (± 200 gram)
  • 1 eetlepel golden syrup
  • 20 gram amandelschaafsel, lichtbruin geroosterd in een droge koekenpan
Maal de havermout fijn in een kleine keukenmachine. Ik heb hiervoor een handig bakje waar mijn staafmixer op past. 
Doe havermeel, bloem, volkorenmeel en zout in een kom. Voeg beetje bij beetje de amandeldrink toe en meng ondertussen met een garde tot een beslag. Voeg het ei toe en klop dat erdoor. 
Verhit een koekenpan tot deze goed heet is. Bestrijk met een beetje olie en schep kleine lepels pannenkoekbeslag in de pan. Maak 3-5 pannenkoekjes per keer. Bak de pannenkoekjes op halfhoog vuur tot de onderkant bruin en de bovenkant nagenoeg droog is. Keer ze om en bak de onderkant ook bruin. 
Maak ondertussen het peermengsel. Haal hiervoor de zaadjes uit de kardemompeulen en vijzel de zaadjes fijn in een vijzel. Schil de peer eventueel en snijd deze in blokjes. Verhit de boter in een pannetje en bak hierin de blokjes peer even aan. Echt bakken zullen ze niet, want er zal vooral wat sap uit komen. Voeg de kardemom en golden syrup toe en roer door elkaar. 
Stapel een paar pannenkoekjes op elkaar, schep bovenop een grote schep peer en bestrooi met amandelschaafsel. 

donderdag 11 januari 2018

Cake met kersen, kardemom en witte chocolade

cake in hello kitty vorm met kersen witte chocolade kardemom

Vandaag moest deze cake in de Hello Kittyvorm gebakken worden. Niet het slimste idee want door de kersen in deze cake bleef de cake een beetje aan de vorm plakken. Hij is dus niet zo goed uit de vorm gekomen. Met het glazuur kon ik dat wel enigszins wegwerken en voor de smaak maakt dat gelukkig niet uit.


Cake met kersen, kardemom en witte chocolade

(recept van bijnanetzolekkeralsthuis)

  • zaadjes uit 15 kardemompeulen, fijngevijzeld
  • 200 gram zachte boter
  • 200 gram suiker
  • 4 eieren (op kamertemperatuur)
  • 220 gram zelfrijzend bakmeel
  • 150 gram kersen (pot, diepvries of in het seizoen vers)
  • 50 gram witte chocolade, grof gehakt of als callets
Vet een cakevorm in  en bestuif met bloem of paneermeel.
Klop de boter met de suiker en kardemom 5 minuten met de mixer tot een romig geheel. Klop er 1 voor 1 de eieren door. 
Verwarm de oven voor op 160C. 
Snijd de kersen doormidden of als ze heel groot zijn in vieren. Leg op een schoteltje en zeef er een beetje van het zelfrijzend bakmeel over. 
Meng / spatel het zelfrijzend bakmeel kort door het beslag. Meng kersen en witte chocolade door het cakebeslag. Verdeel het beslag over de vorm. Bak de cake in ± 60 minuten gaar en goudbruin. Laat 10 minuten in de vorm afkoelen en stort dan op een taartrooster om verder af te laten koelen. 

donderdag 13 juli 2017

Courgettecake met kardemom en kaneel en rozenmascarpone


Op een erg warme, zomerse middag liep ik - samen met een groepje leuke foodbloggers - achter Edwin aan door het Beatrixpark in Amsterdam. We gingen wildplukken*). Nou ja, veel geplukt werd er niet, maar ik heb wel veel opgestoken over een boel planten en bomen waarvan je delen gewoon kunt eten. Binnenkort maar een rondje door de uiterwaarden, het Sonsbeekpark, park Immerloo en de diverse plantsoenen maken om te kijken of ik planten herken.

De middag eindigde bij restaurant As - in datzelfde park - met lekkere gerechten waarvoor de thee tot inspiratie leidde of zelfs in verwerkt was. Langoustine met een tomatensaus met daarin de kaneel&kardemom. Lamsvlees en boontjes en augurk die gepickeld was in zoetzuur met de gember&kurkumamix. Toe lavendelijs met perzik en een siroop met kamille. Daarbij dronk ik natuurlijk de bijbehorende thee. Zelf was ik het meeste benieuwd naar de lavendel-kamille. Zo'n grote fan ben ik niet van lavendel en zeg je kamille dan denk ik muf. Aangenaam verrast was ik. Licht en bloemig. Het doosje dat ik meekreeg komt dus wel op hier. Overigens eindigde die middag ook met zomerse hoosbuien.

Het plan de volgende dag was om de thee- en wildplukinspiratie in een gerecht om te zetten. Toen ik naar de stad fietste zag ik in een flits iets staan waarvan ik dacht dat dat wel eens een wilgenroosje kon zijn. Dat zou mooi zijn omdat Edwin daar een leuk verhaal over vertelde. Van de licht gefermenteerde en daarna gedroogde bladeren kun je thee maken. In Oost-Europa gebeurt dat nog steeds. Ook de bloem kun je eten. Ik plukte 1 kleine stengel. Thuis controleerde ik met behulp van een aantal site's of het inderdaad wilgenroosje was. Sinds een biologiewerkstuk van GZQ heb ik daar wat handigheid in gekregen.... Mijn conclusie was dat het om het harig wilgenroosje ging. Daarover vond ik tegenstrijdige informatie op internet. De ene bron gaf aan dat je het gewoon kon gebruiken als het wilgenroosje, maar een andere gaf aan dat het niet zo goed voor je zou zijn. Uiteindelijk heb ik het drogen maar laten zitten, maar de bloemen wel gebruikt voor op de taart. Overigens heeft het wilgenroosje wat smaak en plantenfamilie niet iets met rozen te maken. Dus mijn gebruik van rozenwater is puur een taalkundige uitwerking van de inspiratie.

Als je makkelijk wilt doen, kun je in plaats van kardemom en kaneel ook de inhoud van een zakje thee gebruiken. De verhouding kaneel-kardemom is dan iets anders, maar het is alleen kaneel en kardemom wat je toevoegt, verder niets. 


Bij deze taart drink je natuurlijk een kopje Celestial organics - kaneel & kardemom.




Courgettecake met kardemom en kaneel en rozenmascarpone

(recept van bijnanetzolekkeralsthuis - 2 springvormen 14 centimeter doorsnee)


  • 15 kardemompeulen
  • 125 gram boter
  • 50 gram Griekse yoghurt
  • 175 gram suiker
  • 1 theelepel kaneel
  • 3 eieren
  • 200 gram zelfrijzend bakmeel
  • mespunt baking soda
  • 150 gram geraspte courgette, iets uitgeknepen
  • 250 gram mascarpone
  • 100 gram roomkaas
  • 1/4-1/2 theelepel rozenwater
  • 50 gram poedersuiker
  • 150 gram kersen, ontpit en gehalveerd
  • eventueel verse (onbespoten) rozenblaadjes als versiering

Gebruik 2 springvormen met een diameter van 14 centimeter. Klem een vel bakpapier tussen de rand en de bodem van de springvormen. 
Breek de kardemompeulen open in de vijzel en peuter de zaadjes eruit. Vijzel de zaadjes fijn of gebruik een specerijenmolen. 
Verwarm de oven voor op 170C. 
Klop de boter, yoghurt, suiker, kaneel en kardemom tot een romig mengsel. Klop er 1 voor 1 de eieren door.  Meng zelfrijzend bakmeel en baking soda door het beslag. Spatel er als laatste de geraspte courgette door. 
Verdeel het beslag over de 2 springvormen en strijk de bovenkant glad. Bak de cakes in ± 40 minuten gaar. 
Laat de cakebodems afkoelen. Haal ze uit de vorm en snijd ze horizontaal doormidden. 
Meng de mascarpone, roomkaas en poedersuiker. Voeg een beetje rozenwater toe en proef. Als je het nu al goed naar rozen vindt smaken laat je het hierbij. Anders voeg je nog een beetje extra rozenwater toe. Laat de vulling nog een uurtje opstijven in de koelkast voordat je 'm verwerkt. 
Leg 1 plak cake op een mooie schaal. Verdeel hierover iets meer dan een kwart van de rozenmascarpone. Leg hierop weer een plak cake en verdeel vervolgens weer iets meer dan een kwart van de vulling erover. Verdeel hier de halve kersen over. Leg hierop weer een plak cake en vervolgens weer een laag mascarponevulling. Dek af met de laatste cakelaag. Smeer de laatste vulling over de bovenkant. Versier de bovenkant eventueel met wat rozenblaadjes. 

*) het wildplukken werd georganiseerd door Kroonophetwerk op uitnodiging van Celestial Seasonings ter gelegenheid van de introductie van hun biologische "theeën". 3 van de 4 van deze smaken mogen eigenlijk geen thee heten, want deze bestaan voor 100% uit gedroogde kruiden en specerijen. Er zit geen kruimel thee in. 

woensdag 14 december 2016

Kerstboombrood met kardemom, abrikoos en noten


Bij het meedoen aan de "lekkerste-kerstbrood-bakwedstrijd" had ik de ingrediënten voor de zekerheid dubbel meegenomen. Ik heb het niet nodig gehad. Omdat een deel al gemengd was, moet ik daar wel, weer thuis, deeg van maken. Nog een keer hetzelfde kerstbrood was mij een beetje teveel van het goede. Hoewel natuurlijk erg lekker, wilde ik wat anders. Ik had 'm in de aanloop ook al 3 keer gemaakt om de juiste hoeveelheid kardemom te ontdekken.
De basis is wel het deeg met kardemom. Daar deed ik een vulling van abrikoos en nootjes in. Geïnspireerd door de vormgeving van de winnares van vorig jaar maakte ik er rolletjes van die ik in de vorm van een kerstboom bakte.


Kerstboombrood met kardemom, abrikoos en noten

  • 100 gram gedroogde abrikozen
  • 3 eetlepels rum
  • 30 kardemompeulen
  • 180 milliliter melk
  • 35 gram boter
  • 1 ei
  • 7 gram gedroogde gist
  • 350 gram bloem
  • 30 gram suiker
  • 3 gram zout
  • 50 gram gemengde noten (bv walnoot, amandel, hazelnoot), gehakt
  • 75 gram zachte boter
  • 50 gram bruine basterdsuiker
Knip de abrikozen in kleine stukjes. Doe ze in een kommetje en giet de rum erover. Warm iets op in de magnetron en laat een paar uur (of een nacht) staan om te wellen. 
Breek de kardemompeulen open en peuter de zaadjes eruit. Wrijf in de vijzel (of koffiebonenmaler) de zaadjes tot poeder. 
Verwarm de melk met de boter tegen de kook aan en roer de kardemom erdoor. Laat afkoelen tot handwarm. Roer dan de gist en het losgeklopte ei erdoor. 
Doe bloem, suiker en zout in de kom van de broodbakmachine en giet het melk-kardemommengsel erbij. Kneed in ± 10 minuten tot een soepel deeg. 
Vet een kom in met een klein beetje neutrale olie, leg de deegbal erin en rol 'm even rond. Dek af met een deksel (of plastic folie of een vochtige theedoek) en laat op een tochtvrije plek ± 1 uur rijzen. 
Leg een stuk bakpapier (of herbruikbare bakfolie) op een bakplaat. 
Roer de zachte boter en de basterdsuiker door elkaar. 
Rol het deeg uit tot een rechthoekige lap van ± 30 bij 25 centimeter. Smeer, vanaf de breedste kant, de boter uit over ± 2/3 deel van het deeg. Bestrooi gelijkmatig met de abrikozen en nootjes. Rol vanaf de breedste kant op tot een worst. Snijd het deeg met een scherp mes in 12 plakjes. Leg de plakje in de vorm van een kerstboom op de bakplaat. Dek af met een vochtige theedoek (of gebruik een grote plastic zak om de bakplaat mee in te pakken) en laat nog ± 30 minuten rijzen. 
Verwarm de oven voor op 175C. Bak de kerstboom in ± 25 minuten gaar. 

dinsdag 6 december 2016

Kerstbrood met kardemom, appel, amandelspijs en rozenwater

Een tijdje terug werd dit artikel gedeeld in een foodbloggersgroep op FB. Het gaat in op wat "het beste recept" voor iets, in dit geval bananenbrood, is. Dat blijkt behoorlijk lastig. Je kunt namelijk niet googelen op "beste recept". Tenminste, je kunt er wel op zoeken maar de uitkomst hoeft niet een heel goed recept op te leveren. Je komt namelijk op die sites terecht waar ze hun SEO-zaakjes goed op orde hebben. Websiteschrijvers gebruiken woorden waarop mensen zoeken. En als het dan werkt om jouw recept "het lekkerste" of "het beste" te noemen, dan gebruik je dat. 

Nu zoek ik zelf nooit op "lekkerste recept" of "beste recept" om precies diezelfde reden. Iemand noemt zijn recept zelf zo en hoopt dat ie daarmee beter wordt gevonden in Google. Maar in dit stukje kan ik het woord "lekkerste kerstbrood" wel gebruiken. 


Ik heb met dit kerstbrood namelijk meegedaan aan de wedstrijd "wie bakt het lekkerste kerstbroood van Nederland", georganiseerd door Foodies, Desemenzo, restaurant Sense en Kitchenaid. Uit de 86 inzendingen werden 10 finalisten gekozen die hun brood mochten bakken op de Tasty. Ik was 1 van die 10. Dus treinde ik op 12 november met 2 tassen vol bakjes naar Utrecht. Er stond 1,5 uur voor om je brood in de oven te krijgen, dus dan was het wel praktisch als je alles thuis afgewogen had en voor de zekerheid dubbel had meegenomen. Mijn deeg was mooi gelukt en rijzen ging ook goed. Want aan de omgeving kun je niet zoveel doen. Baktijd was wel een stukje langer dan thuis, maar elke oven werkt nu eenmaal anders. En er stond een brood van een andere finalist bij in. Ik was blij met mijn brood. 


Ik heb jammergenoeg niet gewonnen. Dat deed Nadine, die een heel mooi brood met peren maakte met de smaak en in de vorm van (ster)anijs. Haar recept staat op de site van Foodies Magazine. 


Kerstbrood met kardemom, appel, amandelspijs en rozenwater

(springvorm van 20 centimeter doorsnee)

  • 30 kardemompeulen
  • 180 milliliter melk
  • 35 gram boter
  • 7 gram gedroogde gist
  • 1 ei
  • 350 gram bloem
  • 30 gram suiker
  • 3 gram zout
  • 180 gram amandelspijs *)
  • 1 appel (± 150 gram)
  • 50 gram poedersuiker
  • paar druppels citroensap
  • paar druppels rozenwater

Breek de kardemompeulen open (ik gebruik daarvoor een vijzel) en peuter de zaadjes eruit. Maal de kardemomzaadjes fijn in een specerijenmolen of gebruik de vijzel.
Breng de melk met de gemalen kardemom en boter tegen de kook aan. Laat afkoelen tot handwarm en voeg dan de gist toe. Laat een paar minuten staan en klop dan het ei erdoor.
Doe de bloem met de suiker en het zout in de kom van een broodbakmachine (of keukenmachine met kneedhaak) en giet het melkmengsel erbij. Kneed in ± 8 minuten tot een mooi brooddeeg.
Vet een kom in met wat neutrale olie, doe de deegbal erin en draai deze even rond zodat het deeg aan alle kanten met olie bedekt is. Dek de kom af met een deksel (of een vochtige theedoek of plastic folie) en laat het deeg op een tochtvrije plek op kamertemperatuur in ± 1 uur rijzen tot het in omvang verdubbeld is.
Klem een vel bakpapier tussen de rand en bodem van een springvorm van 20 centimeter doorsnee.
Was de appel en rasp ‘m (met schil) op een grove rasp. Knijp de appelrasp iets uit. Je hebt ± 100 gram appelrasp nodig.
Verdeel het amandelspijs in 2 delen. Rol beide stukjes elk tussen 2 stukjes bakpapier  uit tot een cirkel van 16 centimeter doorsnee.
Duw het gerezen deeg voorzichtig terug en verdeel in 2 stukken: het ene ongeveer 300 gram, het andere 350 gram. Houd een stukje van 10 gram apart.
Rol het kleinste deel uit tot een cirkel van 20 centimeter doorsnee en leg op de bodem van de springvorm. Leg hierop 1 cirkel amandelspijs. Verdeel hierover de appelrasp en dek af met de andere cirkel amandelspijs.
Rol het grootste deel deeg uit tot een cirkel van ± 24 centimeter doorsnee en dek hiermee de spijs af. Duw/knijp de naad met je hand samen.
Rol het kleine stukje deeg heel dun uit en steek met een stervormpje hier een sterretje uit. Leg dit op de bovenkant van het kerstbrood.
Dek de springvorm af met iets (zie hierboven) en laat nog 30-45 minuten rijzen.
Verwarm de oven tegen het einde van de 2e rijs voor op 180C.
Bak het kerstbrood met kardemom in ± 30 gaar en bruin.
Bestrijk het brood uit de oven met wat boter voor een glanslaagje. 
Laat afkoelen op een rooster.

Roer de gezeefde poedersuiker met wat druppels citroensap en rozenwater tot een dik glazuur. Wees spaarzaam met het rozenwater. Proef, een druppel extra toevoegen kan altijd nog. Voeg een paar druppels water toe als dat nodig is, maar het moet wel dik blijven. Vouw een cornetje van bakpapier en doe hierin het glazuur. Knip er een puntje af en maak een mooi patroon op glazuur op de bovenkant van het kerstbrood. Of gebruik een plastic zakje, als je, net als ik, geen cornetje kunt vouwen. 

*) amandelspijs is ook heel gemakkelijk zelf te maken. Dat moet je wel een paar dagen van tevoren doen omdat het moet rijpen. Maal hiervoor 150 gram blanke amandelen fijn met een keukenmachine (of gebruik amandelmeel; je spijs wordt dan iets fijner van structuur). Voeg 150 gram suiker, 1 theelepel citroenrasp uit een potje (of geraspte schil van 1 (bio)citroen), 1 losgeklopt ei en een paar druppels amandelextract toe en maal alles nog een minuutje verder door elkaar. Doe in afsluitbaar bakje en laat 3-4 dagen op smaak komen in de koelkast. Zelfgemaakt amandelspijs kan ook heel goed ingevroren worden. 

donderdag 24 maart 2016

Rijstsafari - gestoomde rijst met kardemom, kaneel en sinaasappel

Of ik meeging op rijstsafari. Jammergenoeg niet in een land ver weg, maar in de Hortus van Amsterdam. De uitnodiging kwam van Tilda. De blauwe zakken basmatirijst had ik al wel eens voorbijzien komen bij de AH, en ik ken het van advertenties uit de BBC GoodFood. Het Verenigd Koninkrijk is natuurlijk als gevolg van haar koloniale verleden met India een basmatirijstland bij uitstek.
de rijstplant in de Hortus
Op rijstsafari dus. Een zoektocht was het wel. In de hortus staat welgeteld 1 rijstplant. Gelukkig hadden we een reisleider. Hij wist op vermakelijke toon over elk plantje wel iets bijzonders te vertellen. Daarnaast gaf hij nog een spoedcursus basmatirijst, de rijstsoort die Tilda verkoopt. Voor deze ochtend was mijn simpele redenering "rijst is rijst". Maar zo eenvoudig is het niet. Basmatirijst wordt zo bijzonder gevonden dat ook daar mee gesjoemeld wordt. Het bijzondere aan basmatirijst is het geurige aroma. Nepperds gebruiken geurstoffen om niet-basmiatirijst (lees: goedkopere) geurig te maken en wel voor het volle pond te verkopen. Er bestaat zelfs een Code on Practise of Basmati Rice Daarin staat dat om de naam basmatirijst te kunnen dragen er maximaal 7% andere rijst bij mag zitten. Een Duitse test van een aantal jaar terug wees uit dat dat ook niet zo nauw wordt genomen. Na een informatieve wandeling door de zonnige Hortus was het natuurlijk ook tijd om de rijst te proeven:

Een keuze uit het Tilda-assortiment kreeg ik nog thuisgestuurd. Daar zat ook gare rijst bij die je alleen nog hoeft op te warmen in de magnetron. Hoewel ik niet zo van de kant&klaar ben, vond ik degene die ik geproefd heb (Sweet chili&Lime) wel lekker. Je proefde de chili terug. Veel pakjes, zakjes en dergelijk zijn niet pittig genoeg. Onhandig vond ik de hoeveelheid. In mijn kookstijl is een zak voor 1 persoon te veel en voor 2 te weinig. En de zak is eigenlijk iets te hoog om goed in mijn magnetron te kunnen staan.

Het pak gewone basmatirijst gebruikte ik in dit recept voor gestoomde rijst met kardemom en kaneel en sinaasappel.





Gestoomde basmatirijst met kaneel, kardemom en sinaasappel

  • 850 milliliter water
  • 1 theelepel zout
  • 1/2 theelepel zwarte peper uit de molen
  • 10 kardemompeulen, gekneusd
  • 3 kaneelstokjes
  • 1 sinaasappel
  • 500 gram basmatirijst
  • 30 gram boter
Week de basmatirijst 15 minuten in koud water en giet af door een zeef. Doe de rijst in een ovenschaal van ± 20 bij 30 centimeter.
Boen de sinaasappel schoon. Schaaf met een dunschiller repen schil eraf, waarbij je ervoor zorgt dat je zo weinig mogelijk wit meeschaaft. 
Warm de oven voor op 180C.
Breng het water met zout, peper, kardemom, kaneel en sinaasappelschil aan de kook. Giet het kokende water bij de rijst en meng snel. Dek af met een vel bakpapier dat je goed (maar voorzichtig met het kokende water) op de rijst drukt. Knip de zijkanten iets bij als dat nodig is. Dek af met een vel aluminiumfolie en vouw de randen goed om de schaal. Laat de rijst in 25 minuten in de oven garen. Laat dan nog - afgedekt - een kwartier buiten de oven staan. 
Pers de sinaasappel uit. Smelt de boter en meng met sinaasappelsap. Giet dit over de gare rijst en meng snel met een vork. 
(PS het vel aluminiumfolie kun je waarschijnlijk hergebruiken, want daar komt alleen stoom op)

(methode en inspiratie van deze rijst met kerrieblad van Ottolenghi)

dinsdag 22 maart 2016

Hot cross buns met abrikoos, kardemom en chocolade


Elk - al dan niet christelijk - feest of gelegenheid wordt steeds meer een feest waarop je extra aandacht besteed aan je eten. Binnenkort is het Pasen, en de recepten met eieren vliegen je om de oren. Ik besloot om eens te kijken welke aandacht ik in de afgelopen 6 blogjaren aan Pasen heb gegeven. Zoeken op "Pasen" leverde welgeteld 3 blogposten op, die niet eens heel specifiek voor Pasen gemaakt zijn: een cake met een vulling van advocaat, een gekleurd brood dat ik bakte van de natuurlijke eierverf, en lieve madeleines waar ik als smaakmaker Paasthee aan het beslag toevoegde. De geverfde eieren kwamen niet eens naar boven. Dit jaar is dus best een unicum in mijn bloggeschiedenis, ook al zijn deze hot cross buns met Pasen vorig jaar gebakken en gegeten. Ik ga niet al 3 of 4 weken voor Pasen iets specifieks voor Pasen bakken zodat ik het kan bloggen. Dat soort recepten staan gewoon een jaar in concept. 

Voor wat achtergrond van de hot cross buns heb ik even op wikipedia gekeken. Die zijn baksels die uit de Angelsaksische cultuur komen en nu wat meer voet aan de grond krijgen in niet-engelstalige landen. Traditioneel worden ze gegeten op Goede Vrijdag, vandaar ook het kruis erop. Op Goede Vrijdag wordt herdacht dat Jezus is gestorven en op Pasen dat Hij is opgestaan. 


Hot cross buns met abrikoos, kardemom en chocolade


  • sap en rasp van 1 sinaasappel
  • 100 gram gedroogde abrikozen, in kleine stukjes
  • 2,25 deciliter melk
  • 50 gram boter
  • 1 ei, losgeklopt
  • 450 gram bloem
  • 10 gram gedroogde gist
  • 5 gram zout
  • 50 gram + 2 eetlepels (riet)suiker
  • 100 gram pure chocolade
  • zaadjes uit 6 kardemompeulen, fijngemalen
  • 100 gram bloem (voor de kruisjes)
Verwarm de stukjes abrikoos met de helft van het sinaasappelsap even in de magnetron en laat ze wellen tot ze straks in het deeg gaan. 
Verwarm de melk tot tegen het kookpunt. Zet het vuur uit en laat de boter in de hete melk smelten. Lat 10 minuten afkoelen en klop dan het ei en de sinaasappelrasp erdoor. 
Doe de bloem, gist, zout, 50 gram suiker en de warme melk in de kom van de broodbakmachine en kneed in ± 10 minuten tot een soepel deeg. Vet een kom in en doe de deegbal in de kom, dek af met een deksel of plastic folie en laat op een warme plek ± 1 uur rijzen. 
Hak ondertussen de chocolade fijn (dit kan met de hand of in een keukenmachine) en meng met de uitgelekte stukjes abrikoos en fijngemalen kardemom. 
Rol het deeg op een bebloemd werkoppervlak uit tot een lap en verdeel het chocolademengsel erover. Vouw dicht en kneed even goed door zodat de vulling goed door het deeg verdeeld wordt. 
Leg een vel bakpapier op een bakplaat of gebruik een bakmatje. 
Verdeel het deeg in 12 gelijke stukjes van 45-50 gram. Vorm hier kleine bolletjes van met een mooie, gladde bovenkant. Leg ze op de bakplaat en dek af met een iets vochtige theedoek. Laat op een warme plaats nog 30-45 minuten rijzen. 
Maak ondertussen het deegje voor de kruisjes. Roer hiervoor in een kommetje geleidelijk 6-7 eetlepels water door de 100 gram bloem zodat je een dikke pasta krijgt. Doe de pasta in een stevig zakje waar je een klein puntje van af knipt. 
Warm de oven voor op 190C. 
Spuit kruisjes op de bovenkant van elk bolletje. Bak de hot cross buns in 20-25 minuten gaar. 
Maak, terwijl de bolletjes bakken, een siroopje door het overgebleven sinaasappelsap met de 2 eetlepels suiker even te verwarmen zodat de suiker oplost. Bestrijk de hete bolletjes zodra ze uit de oven komen met deze siroop zodat ze mooi gaan glanzen. 


(bron: aangepast recept uit BBC GoodFood maart 2015)

woensdag 2 december 2015

Speculaaskruiden zelf maken


Vandaag krijgen we bezoek. Dat klinkt chiquer dan het is hoor. We krijgen gewoon familie langs. Als iets lekkers bij de thee wilde ik zelf gevulde speculaas maken. Amandelspijs had ik nog liggen, maar ik had geen speculaaskruiden meer. Dus maar een nieuwe lading gemaakt. Een paar jaar geleden heb ik ook al een samenstelling voor speculaaskruiden geblogd, dus het mag wel weer. Deze keer maakte ik het zo.


Speculaaskruiden zelf maken


  • 1 stukje gedroogde sinaasappelschil
  • zaadjes uit 20 kardemompeulen
  • 1/2 steranijs
  • 6 kruidnagels
  • 1 theelepel anijszaad
  • 1/2 theelepel versgeraspte nootmuskaat
  • 1,5 theelepel witte peperkorrels
  • 1 theelepel korianderzaad
  • 2 theelepels gemberpoeder
  • 4 theelepels kaneel
Doe alle specerijen (ook degene die al gemalen zijn) bij elkaar in de koffiebonenmolen (of kleine keukenmachine) en maal tot poeder. Bewaar in een goed afgesloten potje. 



Om de specerijen goed fijn te malen gebruik ik een koffiebonenmolen. Die heb ik een jaar of 2 geleden gekocht en ik ben er nog steeds erg blij mee. Tijdens mijn weken op Ballymaloe werd er ook een koffiebonenmolen gebruikt om specerijenmengsels te maken. Daar leerde ik ook de manier om 'm schoon te maken: nadat je de specerijen eruit hebt gehaald, maal je een lepeltje rijst tot poeder. De rijst neemt bijna alle restjes specerijen mee. Veeg eventueel nog schoon met een stukje keukenpapier. 

Ik gebruik de koffiemolen niet alleen voor het maken van speculaaskruiden maar ook voor de kruiden voor in de spekkoek. Ook een lekker specerijenmengsel voor in een hartige taart met wortel of prei is prettig snel gemalen. Ook de mixed spices voor de Christmaspudding gingen er in. 

Voor de gevulde speculaas, of eigenlijk een speculaasstaaf, maakte ik gebruik van dit recept van Mannin. 

dinsdag 24 maart 2015

Brownietaart met frambozen en witte chocoladeganache

Thuisafgehaald bestaat al weer 3 jaar. Om dat te vieren werd iedereen opgeroepen om feesttaarten
aan te bieden. Vorige week maakte ik al een appeltaart met een kruimellaagje. Mannetje Q was heel boos dat ik de helft aanbood op thuisafgehaald. Van deze heerlijke chocoladetaart met frambozen en een vleugje kardemom en natuurlijk heel veel chocolade bood ik ook een stukje aan. Maar die wilde niemand afhalen. Hadden wij lekker meer.

Het idee van de kardemom door de ganache en de krullen komt uit de BBC Good Food van maart 2015. Ik gebruikte wel minder room in de witte chocolade ganache. Het oorspronkelijk recept ging uit van 1:1 maar ik was bang dat de ganache dan niet zou opstijven. Ik denk dat dat een goede keuze was, want de laag die ik nu kreeg hield ook maar net. Om de kardemomsmaak in de ganache te krijgen werd de gecrushte kardemom (zaad en huls) een tijdje (ik liet het zelfs een tijd staan) trekken in de warme room. Maar ik proefde de kardemom eigenlijk niet terug. In het recept ga ik dan ook uit van tot poeder gevijzelde zaadjes die je gewoon in de room laat zitten.

Brownietaart met frambozen en witte chocoladeganache

(springvorm 22 cm doorsnee)
  • 90 gram boter, in blokjes
  • 90 gram pure chocolade, gehakt (of gebruik druppels)
  • 2 eieren, op kamertemperatuur
  • 60 gram suiker
  • snufje zout
  • 30 gram cacao
  • 70 gram zelfrijzend bakmeel
  • 1 theelepel bakpoeder
  • 6 kardemompeulen
  • 1,2 deciliter slagroom
  • 30 gram suiker
  • 250 gram (diepvriesframbozen)
  • 1 blaadje gelatine
  • 2 eetlepels frambozenlimonadesiroop
  • 200 gram witte chocolade
  • 10 gram pure chocolade
  • drupje room of melk
Klem een vel bakpapier tussen de bodem en de rand van de springvorm. Vet de zijkanten in en bestrooi met bloem of paneermeel. 
Verwarm de oven voor op 160C. 
Doe de boter en de chocolade in een hittebestendige kom en hang deze boven een pan met daarin een laagje bijna kokend water. Laat de chocolade smelten. Roer af en toe rustig door het mengsel. 
Klop de eieren met de suiker 5 minuten tot een luchtig mengsel. Meng het boterchocolademengsel erdoor. Meng daarna cacao, zout, bakmeel en bakpoeder erdoor. Verdeel het beslag over de vorm en bak de browniebodem in ± 20 minuten gaar. Laat de bodem afkoelen. 
Peuter de zaadjes uit de kardemompeulen en wrijf ze fijn in de vijzel. Breng met de slagroom en de suiker tegen de kook aan. Roer zodat de suiker oplost. Zet het vuur uit en laat staan tot je bovenste laag gaat maken. 
Pureer de frambozen. Week het blaadje gelatine ± 5 minuten in koud water. Verwarm de limonadesiroop en los de uitgeknepen gelatine hierin op. Roer de gelatine goed door de frambozen. Giet de frambozenpuree over de chocoladebodem en laat ± 2 uur opstijven in de koelkast. 
Doe de witte chocolade in een hitte bestendige kom. Verhit de slagroom weer. Giet de room over de chocolade. Laat een paar minuten staan en roer dan goed door. Giet de witte chocoladeganache over de frambozenlaag en laat 15 minuten opstijven in de koelkast. 
Smelt ondertussen de pure chocolade en roer er een drupje room of melk door. Laat een paar druppels op de witte chocoladelaag vallen en trek vanuit het midden met een cocktailprikker krullen. Laat de taart nog minimaal 4 uur opstijven in de koelkast. 

maandag 28 april 2014

Raita met banaan en kardemom

Een raita is een indiaas bijgerecht op basis van yoghurt. Deze is gebaseerd op een Ballymaloerecept en ik dacht dat ik 'm allang een keer op mijn blog had gezet, maar kon 'm niet terugvinden. Ik maakte deze bij de eiercurry van een paar dagen geleden.


Raita met banaan en kardemom

  • 3 kardemompeulen
  • 1 grote banaan
  • 2,5 deciliter volle yoghurt
  • 1 theelepel honing
  • 25 gram rozijnen
  • 25 gram amandelschaafsel
  • 1 theelepel geraspte verse gemberwortel
  • snuf zout
Plet de peulen, peuter de zaadjes eruit en wrijf de zaadjes fijn in een vijzel. 
Snijd de banaan in stukjes
Meng kardemom, yoghurt, banaan, rozijnen, honing, gember, de helft van de amandelen en een snuf zout. Doe over in een kommetje en bestrooi met de rest van de amandelen. 

vrijdag 2 augustus 2013

Nectarinewalnootcakejes

Gebaseerd op een recept van Yotam Ottolenghi voor een perenkruimelcake maakte ik deze cakejes. Lekker zomers door de nectarine. In de winter kun je ook alleen gedroogde abrikozen gebruiken.

Nectarinewalnootcakejes

(12 stuks)
  • 2 nectarines
  • 5 gedroogde abrikozen
  • 2 eetlepels amaretto
  • 30 gram walnoten, gehakt
  • 1 kruidnagel
  • 5 kardemompeulen
  • 2 eieren, gesplitst
  • 1,2 decilter zonnebloemolie
  • 140 gram suiker
  • snuf zout
  • 1 theelepel bakpoeder
  • 170 gram bloem
Schil de nectarines en snijd het vruchtvlees in kleine stukjes. Knip de abrikozen in stukjes. Doe het fruit met de amaretto in een kommetje. Leg de walnoten erboven op. 
Plet de kardemompeulen en peuter de zaadjes eruit. Wrijf deze, samen met de kruidnagel, fijn in een vijzel. 
Klop de eiwitten stijf in een schone kom. 
Verwarm de oven voor op 175 C. 
Mix de olie met de suiker 1 minuut. Klop dan het eigeel erdoor. Mix bloem, zout, bakpoeder en specerijen erdoor. 
Meng het fruit door het beslag. Spatel als laatste het stijve eiwit door het beslag. Verdeel het beslag over 12 cakevormpjes en bak de cakejes in 25-30 minuten gaar en lichtbruin. 

zondag 7 april 2013

Oranjebitter

Bij het bladeren in mijn kookboeken kwam ik in Homemade van Yvette van Boven haar recept voor oranjebitter tegen. Omdat dit jaar 30 april toch wel bijzonder wordt, staat er nu een pot in de vensterbank met sinaasappelschillen op alcohol. Als je nu begint, kun jij ook op de (voorlopig) laatste koninginnedag je zelfgemaakte oranjebitter drinken.
Yvette gebruikt wodka, wij hadden nog obst staan. Het gaat erom dat je een neutrale, sterke (35-40%) drank als basis gebruikt, dus er is vast nog meer mogelijk. Verder droogt ze  sinaasappelschillen in de oven, maar ik legde de schillen een tijd op de verwarming. Het is toch nog geen lente....
En ik maakte maar de halve hoeveelheid. Een liter oranjebitter, dat is tegen de tijd dat Amalia koningin wordt nog steeds niet op.

Oranjebitter

afbeelding-oranjebitter-zelfgemaakt
(1 liter)
  • schil van 1 sinaasappel
  • schil van 1 citroen
  • 1 eetlepel anijszaad
  • 8 kardemompeulen
  • 0,5 liter wodka
  • 75 gram lichtbruine basterdsuiker
  • goed afsluitbare pot, inhoud 0,5 liter
  • mooie fles, inhoud 1 liter
Schil met een dunschiller de schil van een sinaasappel en citroen. Neem zo weinig mogelijk wit mee, en  schraap als dat toch is meegekomen, uit de schillen. 
Laat de schillen een uurtje drogen in een oven van 40-50C tot ze hard zijn. Op de verwarming leggen werkte ook.
Kneus het anijszaad en de kardemompeulen in een vijzel. Doe ze in de pot. Doe ook de gedroogde schillen erbij. Giet de wodka erbij en sluit de pot goed af. Zet de pot op een warm plekje in je huis en schud er elke dag even mee. 
Na 3 weken maak je een siroop van 0,5 liter water met de suiker door deze samen te verwarmen en de suiker op te lossen. Laat afkoelen. 
Zeef de wodka door een zeef met daarin een stukje kaasdoek. Meng de suikersiroop met de wodka en doe over in een mooie fles. 

dinsdag 6 november 2012

Worteltoetje / gajar halwa

gajar-halwa-afbeelding

Dit stond al heel lang op het wensenlijstje van manlief. Als hij in verwegistan bij een Indiaas restaurant eet, neemt hij heel vaak dit als toetje.

Als liefhebbende echtgenote kon ik natuurlijk niet anders dan dit een keer te maken. Eindelijk.

Omdat het tijdrovend (maar niet moeilijk) is, maakte ik maar een grote hoeveelheid en zette het ook op thuisafgehaald. Dit was het bedankje dat ik ervoor kreeg: "Mag je vaker doen!! 
Heerlijk! lekkerrrrr!,heel erg lekker! super lekker!super, super lekker!!!!!!!!!!!
super heerlijk! APART! LEKKER!!!!!"


Donderdag (of eventueel vrijdag) kun je het weer afhalen.


Gajar Halwa

(recept van bijnanetzolekkeralsthuis - ± 10 personen)
  • 1 kilo wortels
  • 1 liter volle melk
  • 200 gram suiker
  • ± 20 kardemompeulen
  • 20 gram (geklaarde) boter
  • 20 gram rozijnen
  • 20 gram amandelen
  • 20 gram cashewnoten
Schil de wortels en rasp ze. Gezien de hoeveelheid raad ik aan om een keukenmachine te gebruiken. 
Doe de wortels met de melk en suiker in een grote pan en breng aan de kook. Roer af en toe door en let erop dat de melk niet overkookt. Zet het vuur laag en laat het rustig doorkoken. Roer geregeld over de bodem. Het is de bedoeling dat het vocht verdampt en de wortel heel zacht wordt. Je kan ook het vuur hoog zetten zodat het verdampen sneller gaat, maar dan moet je blijven roeren. 
Breek de kardemompeulen open en peuter de zaadjes eruit. Wrijf de zaadjes fijn tot poeder. 
Hak de noten en rozijnen grof en bak ze even in de (geklaarde) boter tot ze licht kleuren. Zet dat apart.
Als er nog ± 1 kopje vocht in de pan zet, voeg je de noten, kardemom en rozijnen met boter toe. Laat nu, op hoger vuur, de rest van het vocht verdampen. Blijf roeren om aanbranden te voorkomen. Als het vocht verdampt is, is het toetje klaar. 
Serveer warm, lauw of koud. 

woensdag 8 augustus 2012

Bloemkoolcurry met amandelen

Weer een gerecht dat is afgehaald. Samen met een beetje watermeloenzoetzuur, worteltjes met koriander en gekookte rijst.

Bloemkoolcurry met amandelen

(4 personen)
  • 1 bloemkool (± 750 gram roosjes)
  • 2 eetlepel zonnebloemolie
  • 125 gram blanke amandelen
  • 1 ui, gesnipperd
  • 1 teentje knoflook
  • 1/2-1 groene peper (afhankelijk van hoe scherp ie is), fijngehakt
  • 3 cm verse gemberwortel, fijngeraspt
  • 10 kardemompeulen
  • 2 dl kokosmelk
  • zout naar smaak
Verdeel de bloemkool in kleine roosjes. Kook ze een paar minuten voor tot het rauwe er wat af is. Dit kun je ook in de magnetron doen.
Verhit 1 eetlepel olie in een braadpan. Bak hierin de amandelen een paar minuten tot ze lichtbruin zijn. Schep ze met een schuimspaan op een bord. 
Breek de kardemom open en haal de zaadjes eruit. Maal deze fijn in een vijzel. 
Doe de rest van de olie in de pan. Fruit de ui een paar minuten. Doe dan de knoflook, peper, gember erbij en bak nog even mee. Doe dan de kardemom erbij.
Voeg de kokosmelk toe en zout naar smaak.
Doe de bloemkoolroosjes erbij, breng aan de kook en doe een deksel op de pan. Laat 5-10 minuten zacht smoren. Voeg eventueel een klein beetje water toe. 

donderdag 19 april 2012

Worteltaart met abrikozenglazuur

Caat, hier is het recept voor de worteltaart. Kan Lotje echt naar de verjaardag van M.


Worteltaart met abrikozenglazuur

(springvorm 22 cm)
  • 10 groene kardemompeulen
  • 2 eieren
  • 100 gram honing
  • 100 gram gesmolten boter
  • 1 dl melk
  • 150 gram bloem
  • 150 gram griesmeel
  • 250 gram wortel, geraspt
  • 75 gram rozijnen
  • 50 gram amandelen, grof gehakt
  • 125 gram gedroogde abrikozen
  • 2-3 eetlepels yoghurt
  • eventueel iets honing
Haal de zaadjes uit de kardemompeulen en wrijf de zaadjes tot poeder in de vijzel.
Doe de abrikozen in een bakje. Giet er zoveel water bij dat ze net onder staan. Zet even in de magnetron om op te warmen. Laat een paar uur weken. 
Bekleed de bodem van de springvorm met bakpapier en vet de zijkanten in.
Klop de eieren met honing en kardemom luchtig. Klop dan de gesmolten boter en de melk erdoor. Spatel bloem en griesmeel door het mengsel. Spatel dan de wortelrasp erdoor. Meng als laatste de rozijnen en de amandelen erdoor. Giet het beslag in de vorm en bak de taart op 180C in ± 40 gaar. Laat de taart afkoelen.
Giet de abrikozen af. Pureer ze met de yoghurt tot een dikke moes. Zoet eventueel met wat honing. Smeer de puree als een soort glazuur op de bovenkant van de taart.