dinsdag 7 december 2010

Marmelade


Het is even wat werk geweest maar nu heb ik wel 10 potten marmelade staan. Zoals je in het recept kunt lezen wordt gewone suiker gebruikt, en geen geleisuiker. Veel jamrecepten gebruiken geleisuiker omdat je dan veel zekerder bent dat de jam dik genoeg wordt. Aan geleisuiker is namelijk pectine toegevoegd, en deze stof zorgt ervoor dat jam opstijft. Als je voor meer zekerheid gaat, kun je ervoor kiezen om de suiker (gedeeltelijk) door geleisuiker te vervangen.

Als je gewone suiker gebruikt, is het belangrijk dat je de stap van het een nacht laten staan met het zakje met de vliesjes erin niet overslaat. Dat zorgt ervoor dat er - als het goed is - genoeg pectine in de marmelade komt. Overigens was het bij mijn lading de vraag of het inderdaad goed gegaan was. Na het maken van de marmelade was die toch wel aan de dunne kant, maar na 3 dagen bleek de jam toch opgesteven te zijn. Gelukkig maar, want mijn zoektocht naar pectine was nog niet zo succesvol geweest. Ik was namelijk van plan geweest om alsnog pectine toe te voegen en de jam opnieuw te koken en de jam weer in opnieuw schoongemaakte potten te doen. Dus dat hoefde niet. Want om nu minstens 10 van deze taarten te gaan maken, dat is ook wat veel van het goede...


Marmelade

(± 10 potten van 400 gram)
  • 1,5 kilo sinaasappels
  • 4 citroenen 
  • 3,2 liter water
  • stukje kaasdoek of ander lapje
  • 2 kilo suiker
Gebruik het liefst biologisch fruit. Boen anders de sinaasappels heel goed schoon. Pers de vruchten uit. Doe het sap in een pan (geen aluminium) of kom. Doe het water erbij. 




Verwijder het vruchtvlees en witte vlies uit de schil. Dit gaat redelijk goed door een begin te maken met een scherpe theelepel en dan het verder los te trekken. Schraap nog wat meer eraf, indien nodig. Leg dit allemaal op het stukje kaasdoek en knoop dit dicht.
Snijd alle schillen in dunne reepjes. Maak ze niet te lang, dus snijd liever overdwars dan in de lengte.


Doe de schilletjes in de pan met water en sap. Doe hier ook het buideltje met pulp en vliezen bij. Laat een nacht staan. 

Breng de volgende dag aan de kook; eerst met een deksel op de pan. Verwijder dat na ongeveer 3 kwartier. Kook ongeveer 1,5 uur totdat de schilletjes goed zacht zijn. Je moet ze bijna fijn kunnen wrijven. De hoeveelheid vocht moet met ongeveer de helft zijn ingekookt. Als dat nog niet het geval is, zet het vuur dan hoog en laat het inkoken. Verwijder het buideltje en knijp dat, met een tang of zo, goed uit boven het vocht. 

Leg een schoteltje in de vriezer. 
Zet het vuur weer laag en voeg de suiker toe. Roer zodat deze oplost. Breng aan de kook en laat zo´n 10 minuten koken. Roer geregeld. Test dan of de marmelade dik genoeg is door een lepeltje jam op het ijskoude schoteltje te scheppen. De jam koelt direct af en dan kun je zien of de jam goed is. Als dat zo is, zet het vuur dan uit. Anders moet je de marmelade nog even door laten koken en na 2 minuten opnieuw testen. 
Laat de marmelade 15 minuten staan voordat je ze in gesteriliseerde potten schept. Hiermee voorkom je dat de schilletjes allemaal naar de bodem zakken. 
De marmelade blijft - ongeopend - zeker een jaar goed. 

Voor een variatie van marmelade met gember rasp je per potje 1 cm verse gemberwortel heel fijn. Deze breng je in een klein laagje water met een beetje suiker aan de kook en laat je zo´n 10 minuten sudderen. Pas op voor droogkoken. Dit voeg je op het laatste moment toe aan de marmelade.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen