Posts tonen met het label rozijnen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label rozijnen. Alle posts tonen

woensdag 20 januari 2021

Kleine pofferts met rumboter


Tsja, hoe noem je poffert als je het in kleine vormpjes maakt? Als ik poffertjes zeg, denkt iedereen aan wat anders. En wat is het meervoud van poffert? Ik koos voor pofferts. Eigenlijk maakt het niet zoveel uit. Het gaat erom dat deze pofferts lekker waren. En dat was zo. Ik maakte er rumboter bij. Normaal geef je bij de poffert - in het beslag gaat geen suiker en vet - boter en suiker. Ik roerde die alvast door elkaar en mengde er rum*) door. 

Kleine pofferts met rumboter

(9 stuks)
  • 100 gram rozijnen
  • 2 + 2 eetlepels rum
  • 1 ei
  • 250 milliliter melk
  • 250 gram zelfrijzend bakmeel
  • 75 gram (zachte) boter
  • 50 gram poedersuiker
Week de rozijnen minstens een half uur in 2 lepels rum. Ik verwarm de rozijnen met de rum even in de magnetron zodat de rum er wat sneller in mstrekt, maar dat hoeft niet. De tijd geven kan ook gewoon. 
Klop het ei los met de melk. Giet dit beetje bij beetje bij het zelfrijzend bakmeel en roer tot een dik, klontvrij beslag. Roer er de rozijnen door.
Verdeel het poffertbeslag over 9 (siliconen) cakevormpjes en bak de poffert op 160C in ± 25 minuten gaar. 
Roer ondertussen de boter nog zachter tot deze crèmig is. Roer er beetje bij beetje de poedersuiker door. Meng er dan beetje bij beetje de 2 overgebleven lepels rum door. Laat eventueel weer opstijven in de koelkast. 
Geef de boter bij de warme pofferts. 

*) in de foodybox kerst zat deze 12 jaar gerijpte rum. Misschien te chique om op deze manier te gebruiken, maar wel lekker. 

maandag 22 mei 2017

Chipolatapudding


De chipolatataart voor de verjaardag van manlief met veel enthousiasme ontvangen. Bij het maken van de taart had ik wat vulling over die ook met veel liefde naar binnen werd gelepeld. Toen kwam de vraag of ik niet ook chipolatapudding kon maken. Dus bij deze, mijn recept voor zelfgemaakte chipolatapudding. Ik baseerde mij op mijn spekkoekpudding, die weer op het recept van Holtkamp voor chipolatapudding gebaseerd was. Eventueel kun je nog wat fijngehakte ananas (uit blik!) toevoegen. 
't Lastigste van het zelf maken van pudding is eigenlijk het netjes uit de vorm krijgen. Gelukkig maakt het voor de smaak niet uit als dat niet zo goed lukt. 


Chipolatapudding

  • 40 gram rozijnen
  • 40 gram gehakte bigareaux
  • 30 + 20 milliliter marasquin
  • 6 bitterkoekjes, in stukjes
  • 2 eieren
  • 25 gram suiker
  • 3 blaadjes gelatine
  • 30 milliliter melk
  • 2 deciliter slagroom
  • 20 gram witte basterdsuiker
Doe de rozijnen en bigareaux met 30 milliliter marasquin in een kommetje en laat een paar uur (of een nacht) wellen. 
Leg, als je verder gaat met het maken van de pudding, de stukjes bitterkoek boven op de rozijnen en bigareaux. 
Doe de eieren en de suiker in een hittebestendige kom. Hang de kom boven een pan met een klein laagje bijna kokend water. Klop de eieren in 5 minuten tot een luchtig mengsel.
Week de gelatine ± 5 minuten in koud water.

Verwarm de melk en los de gelatine hierin in op. Roer goed tot alles is opgelost. Roer de 20 milliliter marasquin erdoor. Klop dit mengsel door het eimengsel. Haal de kom van pan af en klop nog even tot het mengsel kouder wordt.
Klop de slagroom met de basterdsuiker tot zachte pieken. Spatel de slagroom luchtig door het eimengsel. Meng er de rozijnen, bigareaux en bitterkoekjes door. Spoel een puddingvorm om met koud water (of vet in met een neutrale olie) en verdeel het puddingmengsel over de vorm. Laat de pudding minimaal 4 uur opstijven in de koelkast.
Dompel de vorm heel kort in heet water. Leg een bord omgekeerd op de bovenkant en keer vorm en bord samen om. Schud voorzichtig heen en weer om de pudding uit de vorm te krijgen.

maandag 10 april 2017

Gevulde aubergine met gehakt, tomaat en linzen

halve aubergine gevuld met gehakt linzen rozijnen tomaat

De doorontwikkelde versie van hoe ik vroeger thuis aubergine at. Mijn moeder maakte een prutje van in elk geval gehakt, tomaat en ui en daar werd de aubergine mee gevuld. Erbij aten we rijst. Ik vond het lekker. 
Inmiddels heb ik aubergine op zoveel verschillende manieren en met zoveel andere ingrediënten klaargemaakt dat ik vanavond een keer teruggreep op de familieklassieker. Ik gebruik denk ik meer specerijen dan mijn moeder deed. Van ras el hanout hadden alleen onze Marokkaanse medelanders gehoord. Rozijnen zal ze ook niet gebruikt hebben, want daar houdt mijn vader niet van. Om een deel van het gehakt te vervangen door linzen is ook up-to-date. Helemaal in lijn met het idee om minder vlees te eten. 


Gevulde aubergine met gehakt, tomaat en linzen

(recept van bijnanetzolekkeralsthuis - 3 personen)

  • 2 aubergines (± 600 gram samen)
  • 2 eetlepels olijfolie
  • peper, zout
  • 200 gram gehakt
  • 1 ui, gesnipperd
  • 1 rode peper, gehakt (of harissa of sambal)
  • 1 teentje knoflook, fijngehakt
  • 1/2 theelepel kaneel
  • 1 theelepel ras el hanout
  • 1 blik gepelde tomaten (fijngesneden)
  • 100 gram gare linzen
  • 75 gram rozijnen
  • zout naar smaak
Halveer de aubergines over de lengte. Hol 3 helften uit. Ik gebruik mijn meloenbolletjesboor hiervoor. Hak het vruchtvlees dat je eruit hebt gehaald klein en snijd de overgebleven hele helft ook in kleine stukjes.
Bestrijk de uitgeholde helften met olie en bestrooi met peper en zout. Leg ze in een ovenschaal met een klein beetje water en zet in een oven die je op 180C instelt. Gaar ze 20-25 minuten voor. 
Maak ondertussen de vulling. Verhit hiervoor een hapjespan en bak het gehakt in eigen vet bruin. Voeg de ui, peper en knoflook toe. Meng de specerijen en de stukjes aubergine erdoor en bak even mee. Voeg de fijngesneden tomaten en een half blik water toe. Breng aan de kook en laat pruttelen tot de auberginehelften in de oven hun tijd van 20-25 minuten erop hebben zitten.  Meng op het laatst de linzen en de rozijnen erdoor. Proef en voeg zout naar smaak toe. Vul de aubergines met het gehakt-linzenmengsel en bak ze nog 25-30 minuten in de oven. Je hebt waarschijnlijk teveel vulling. Bewaar de rest in de pan en warm tegen de tijd van het serveren nog even op en geef er apart bij. Serveer verder rijst bij de gevulde aubergine. 

donderdag 26 januari 2017

Stoof van pompoen en kikkererwten met olijven en rozijnen (foodblogswap)


De eerste foodblogswap van 2017. Deze maand mocht ik koken van het blog van Marjolein: www.kookeetdeel.nl. Omdat er zoveel lekkere dingen te koken zijn, heb ik voor het avondeten vaak mijn weekmenu alweer volgepland. Voor de foodblogswap kies ik dan meestal iets om te bakken. Dat was deze maand wat lastig, want zoet staat er nauwelijks op. Gelukkig had ik het uitzoeken niet tot het einde van de maand bewaard, dus de pompoenstoof van Marjolein kreeg een plekje in mijn weekmenu. Ik wijzigde wat aan de verhoudingen en voegde nog wat extra specerijen toe. De pit van het pepertje heb je wel nodig vind ik, omdat het anders best een beetje zoet en weeïg wordt. 

Stoof van pompen en kikkererwten met olijven en rozijnen

(4 personen)
  • 800 gram flespompoen, in blokjes
  • 2+1 eetlepels olijfolie
  • 2 uien, in halve ringen
  • 1 klein, scherp rood pepertje, fijngehakt (of iets anders dat pit geeft)
  • 1 theelepel kaneel
  • 1 theelepel kurkuma
  • 1 theelepel paprikapoeder
  • 1 blik gepelde tomaten (of tomatenblokjes)
  • 100 gram rozijnen
  • 100 gram zwarte olijven, zonder pit en gehalveerd
  • 500 gram gare kikkererwten
  • zwarte peper en zout
Meng de pompoen met 2 lepels olie, doe in een grote ovenschaal of schep op een bakplaat, en zet ± 30 minuten in een oven van 180C tot de pompoen bijna gaar is. 
Verhit de andere lepel olie in een grote braad- of hapjespan en fruit hierin de ui en peper even aan. Doe een deksel op de pan en laat op het laagste vuur 5 minuten smoren. Voeg dan kaneel, kurkuma en paprikapoeder toe en bak even mee. Doe dan de tomaten erbij en nog zoveel water als er in het blik past. Breng aan de kook en plet de tomaten. Laat 10 minuten pruttelen. Meng rozijnen, olijven en kikkererwten erdoor en laat deze op laag vuur warm worden. Meng de pompoen erdoor en laat nog ± 10 minuten pruttelen tot de pompoen gaar is en de smaken ingetrokken zijn. Proef en voeg nog een beetje zwarte peper en zout naar smaak toe. 

zondag 13 november 2016

Christmaspudding

Zondag 22 november 2015 was het Stir-up Sunday. Toen roerde ik het beslag voor deze Christmaspudding.


In 2016 valt Stir-up Sunday op 20 november. Over een week dus. Maar ook als je dat niet redt, en wat later de Christmuspudding maakt, is dat okée. Als de pudding maar een paar dagen op smaak komt, heb je ook een lekkere Christmaspudding. Je hoeft 'm natuurlijk ook niet met Kerst te eten. Dat deden wij ook niet. Er was toen al genoeg te eten, en een pudding als deze vult natuurlijk wel. Uiteindelijk aten wij de Christmaspudding eind januari. Ik bewaarde 'm al die tijd in de garage. Het zal daar iets van 10-15 C zijn geweest.

Een paar tips bij het maken van de Christmaspudding:

Mixed spice
Een kruidig mengsel van diverse specerijen. In Nederland is dat moeilijk te vinden. Eventueel kun je speculaaskruiden gebruiken, maar daar zit wel peper in en de verhoudingen zijn anders. Ik maakte het zelf, waarbij ik recept van BBCGoodFood min of meer volgde:

  • 1 eetlepel piment
  • 1 eetlepel kaneel
  • 1 eetlepel nootmuskaat
  • 2 theelepels foelie
  • 1 theelepel kruidnagel
  • 1 theelepel korianderzaad
  • 1 theelepel gemberpoeder

Gebruik specerijen in gemalen vorm en meng ze, of gebruik hele specerijen en maal ze fijn met een koffiemolen. Wat je over hebt, kun je gebruiken in bijvoorbeeld kruidkoek.

Wit broodkruim
Ik kocht hiervoor speciaal wit casinobrood. De korstjes eraf snijden en dan fijnmalen in een keukenmachine. GZQ was er blij mee want de rest van het brood werden tosti's.

Boter
De boter is bevroren omdat je de boter dan beter kunt raspen. Oorspronkelijk wordt er geen boter maar suet, dat is runderniervet, gebruikt in een Christmaspudding. Dat smelt langzamer, vandaar de lange(re) stoomtijden die je soms in recepten voorbij ziet komen. Ik heb de mijne 4 uur gestoomd om de pudding klaar te maken. Voor het opwarmen was een half uur voldoende.

Christmaspudding

(puddingvorm/hittebestendige kom van 1,5 liter)
  • 150 gram rozijnen
  • 150 gram gedroogde cranberries
  • 100 gram gekonfijte sinaasappelschil
  • 1 kleine appel, geraspt (100 gram)
  • 1 wortel, fijngeraspt (100 gram)
  • 100 gram amandelen, grof gehakt
  • 150 gram bruine basterdsuiker
  • sap van 1 sinaasappel
  • 1,5 deciliter brandy (vieux)
  • 2 eieren, losgeklopt
  • 2 theelepels mixed spice
  • 150 gram zelfrijzend bakmeel
  • 175 gram vers wit broodkruim
  • 150 gram boter, bevroren
Begin de avond van tevoren, zaterdagavond dus. Doe rozijnen, cranberries, sinaasappelschil, appel, wortel, amandelen, suiker, sinaasappelsap en brandy in een kom. Roer alles door elkaar en dek af. Laat een nacht intrekken. 
Meng de volgende dag de mixed spice door de eieren.
Doe het fruit met vocht in een grote kom. Strooi de bloem en het broodkruim erover. Rasp de bevroren boter boven de kom. Giet de eieren over de bovenkant en roer alles met een pollepel goed door elkaar. 
Vet de vorm in met boter. 
Knip een stuk bakpapier en een stuk aluminiumfolie van elk 30 centimeter. Leg dat op elkaar en beboter het bakpapier. Maak in het midden (over de korte kant) een zigzagvouw. In het midden komt dan eigenlijk een stuk papier en folie driedubbel te zitten. 
Vul de vorm met het mengsel. Leg het stuk papier-folie met de beboterde kant onder over de bovenkant en bind het vast met een stuk keukentouw. 
Zet de vorm in een grote pan en vul deze met tot halverwege de vorm met kokend water. Doe een goed sluitend deksel op de pan en stoom/kook de pudding 4 uur. Controleer af en toe de waterhoeveelheid en vul aan als dat nodig is. 
Laat de Christmaspudding in de vorm afkoelen. Laat het deksel van papier/folie er gewoon opzitten. Zet 'm daarna op koele plek (schuur of garage is prima) totdat het kerst is. 
Om de pudding te eten warm je 'm weer op door de pudding op dezelfde manier ± 3/4 uur te stomen. Geef er brandy syrup room (slagroom lobbig kloppen met wat golden syrup en een lepel brandy) bij. 

(bron: uit 2 BBC-GoodFood-recepten (november issues 2014 en 2015) heb ik mijn eigen versie gedestilleerd)

dinsdag 9 augustus 2016

Quinoa met bloemkool, gele en rode bietjes, geitenkaas, hazelnoten, jumborozijnen en mangodressing

Gele bietjes. Vooral dungeschaafd in rauwe vorm blijven ze zo mooi knalgeel. Bij het koken worden ze iets donkerder en bruiner. Dat is wel een beetje jammer. De gele mangodressing helpt ook niet om de salade knalgeel te houden. De rode bietjes en de granaatappelpitten verpesten de boel een beetje. Omdat ik de gele bietjes eruit wilde laten springen heb ik die apart gehouden en in plakjes op de salade gelegd in plaats van ze erdoor te mengen.
Die mangodressing is nog even melden waard. In een #foodybox van een tijdje terug zat een flesje mango(pulp)azijn van oil&vinegar. Een dressing van mango, suiker en azijn. Dus niet een pure azijn gemaakt door mangosap te laten fermenteren. Wel lekker. En erg duur. Omdat ik dit gerecht voor 9 mensen maakte vond ik nogal zonde om daar het hele flesje door heen te doen. Dat bewaar ik wel voor als ik een keer makkelijk wil doen voor een salade voor 2. Dus ik maakte de dressing gewoon zelf door een supermango te pureren en er 2 eetlepels azijn, gewone natuurazijn, door te doen. Geen suiker. Dat hoefde niet. De smaak was fris en fruitig genoeg. Als je 'm iets ronder van smaak wilt, gebruik dan een iets chiquere azijn.

Als je uitgaat van rauwe bietjes, kijk dan hier even voor het koken van de bietjes. De gele zul je zelf moeten koken denk ik. Voorgekookte gele bietjes ben ik nog nooit ergens tegengekomen. Alleen rood kan natuurlijk ook. Kook rood en geel in elk geval niet samen, want door het bietenrood kleuren je gele bietjes roze.

Ook nog even over de jumborozijnen. Die kreeg ik in de #arabfoodbox en ik ben helemaal enthousiast. Die waren echt lekker. Toen ik laatst in de markthal in Rotterdam was, heb ik maar meteen een kilo gekocht. Maar je kunt ze ook online vinden of in je Turkse supermarkt. 


Quinoa met bloemkool, gele en rode bietjes, geitenkaas, hazelnoten, jumborozijnen en mangodressing

(4-5 personen)
  • 75 gram jumborozijnen
  • 1 eetlepel granaatappelmelasse
  • 75 gram hazelnoten
  • 1 granaatappel
  • 1/2 bloemkool, in hele kleine roosjes (±500 gram)
  • 300 gram gare rode bietjes
  • 500 gram gare gele bietjes
  • 400 gram (gemengde) quinoa
  • 1 kleine, rijpe, zoete mango 
  • 2 eetlepels azijn
  • 100 gram zachte geitenkaas
Doe de jumborozijnen met de granaatappelmelasse en een lepel water in een kommetje, verwarm even in de magnetron en laat wellen tot je de salade gaat samenstellen. 
Rooster de hazelnoten in een droge koekenpan, laat ze even afkoelen en hak ze grof. Zet apart. 
Rol de granaatappel stevig over een hard oppervlak terwijl je duwt. Zo komen de pitten losser te zitten. Snijd de granaatappel doormidden en breek de pitten eruit. Verwijder de witte vliesjes. 
Doe de bloemkool in een pan en overgiet met kokend water. Schep met een schuimspaan in een zeef om goed uit te lekken. 
Kook in het water van de bloemkool de quinoa gaar volgens de aanwijzing op de verpakking. Bij mij duurde dat 10 minuten. 
Snijd de bietjes in blokjes. Houd rood en geel gescheiden. 
Pureer de mango met de azijn, meng er wat zout en peper door en proef of je er eventueel een heel klein beetje honing of suiker door wilt. 
Meng de quinoa met de bloemkool, rozijnen (met weekvocht), mangodressing en rode bietblokjes. Schep in een mooie schaal en bestrooi met de gele bietblokjes, hazelnoten, granaatappelpitten en verkruimel de geitenkaas erboven. 

vrijdag 22 juli 2016

Couscous met gestreepte aubergine en jumborozijnen


Ik heb een nieuw favoriet ingrediënt: jumborozijnen. Deze zaten in de #arabfoodybox die ik kreeg tijdens een erg leuk event, maar toen ik voor een ander event in de Markthal was, heb ik daar maar meteen een kilo jumborozijnen gekocht. In de #foodybox zomer zaten mooie gestreepte aubergines. In dit recept gebruik ik het zakje specerijen dat daar bij zat, maar een volgende keer doe ik een greep in mijn la met kruidenpotjes, want dan heb ik niet meer zo'n zakje.



Zoals je op de foto kunt zien, kleurt de aubergine naar een ander kleur paars als je 'm grill, maar het blijft wel duidelijk een andere kleur dan de gewone donkerpaarse aubergine. Het vruchtvlees is ook veel witter. De gegrilde aubergine mengde ik met tomatencouscous, maar gewone kan ook, en de jumborozijnen. Dat was een bijgerecht bij met onder andere feta gevuld filodeeg.




Couscous met gestreepte aubergine en jumborozijnen

  • 75 gram jumborozijnen
  • 1 eetlepel granaatappelmelasse
  • 1 (gestreepte) aubergine 
  • olijfolie voor het grillen en fruiten
  • zout
  • 1 kleine ui, gesnipperd
  • auberginespecerijen *)
  • 150 gram (tomaten)couscous
  • wat verse koriander, gehakt
Doe de jumborozijnen met de granaatappelmelasse en een lepel water in een kommetje. Warm iets op in de magnetron en laat wellen tot de rest van het eten klaar is. 
Snijd de aubergine over de lengte doormidden en elke helft in 3-4 repen. Verhit een grillpan. Bestrijk de aubergine met olie en grill de aubergine repen op de snijvlakken 3-4 minuten per kant. Als ze wel bruine strepen hebben maar nog een tikje hard zijn, zet dan het vuur gewoon op zijn zachtst. De aubergine moet wel gaar zijn. Snijd in stukjes en bestrooi met een klein beetje zout. 
Verhit een beetje olie in een koekenpan en fruit de ui een paar minuten. Voeg de specerijen toe en fruit even mee. Voeg een klein beetje water toe en zet het vuur uit. 
Doe de couscous in een grote hittebestendige kom en bestrooi met wat zout. Giet er kokend water over tot de couscous net onder staat. Laat een paar minuten staan en roer de couscous dan los met een vork.
Meng de ui, aubergine, rozijnen en koriander door de couscous. 

*) in het zakje zaten de volgende specerijen: komijn, koriander, gerookt paprikapoeder, zwart peper, venkelzaad, oregano, anijs en laurier. In welke verhouding weet in natuurlijk niet. Zonder zakje zou ik zelf ook in elk geval komijn en koriander hebben gebruikt.

woensdag 15 juni 2016

Irish teabrack (rozijnencake) met dirty chai

Ooit vonden mijn zusjes in de trein een hele, gesloten verpakking van thee met chocoladesmaak van Celestial Seasonings. Dat was geen succes. Volgens mij zijn die zakjes in de container beland. Later kreeg ik een thee met onder andere cacao en roze peper erdoor om te proeven. Ook die thee was niet echt mijn smaak, alhoewel het pakje wel helemaal op is gegaan aan thee zetten en een klein beetje in een toetje. Een paar maanden geleden zat er in een #foodybox die ik kreeg een pakje dirty chai van Celestial Seasonings; een mengsel van zwarte thee, specerijen en espresso. Mijn negatieve oordeel over thee met cacao trok ik door naar thee met koffie. Het pakje gaf ik zonder van de thee te proeven weg.



Toch gebruik ik deze dirty chai in deze variant van een Irish teabrack, een soort kruidige cake met veel in thee geweekte rozijnen. Hoe kwam ik er aan? Een lezing over thee door Mariella Erkens en proeven hoe thee, waaronder de dirty chai, eten kan beïnvloeden kon ik niet weerstaan toen ik een uitnodiging kreeg voor het #dirtychaievent van een tijdje geleden. Mariella stortte een schat aan thee-informatie over ons uit en liet een aantal gerechten proeven waar zelfs de thee in verwerkt zat. Na afloop kreeg ik een pakje mee. 

Dus toen had ik weer een pakje in huis. Ter afwisseling van de groene thee die ik meestal drink is dit een lekker ander kopje thee. 's Winters in plaats van warme chocolademelk lijkt me ook een goed idee, want als je er echt een chai latte van maakt, valt het wel zwaarder dan een gewoon kopje thee. Voor mijn blog wilde ik er iets anders mee doen. Toen zag ik deze post van Antoinette voorbij komen en werd daardoor geïnspireerd om mijn Irish teabrack weer een keer te maken. In plaats van zwarte thee en aparte specerijen nu sterke chai.


Irish teabrack met chai


  • 250 milliliter kokend water
  • 1 zakje chai
  • 250 gram rozijnen
  • 1 ei
  • 150 gram bruine basterdsuiker
  • 2 eetlepels melk
  • 250 gram zelfrijzend bakmeel
Doe het zakje chai in een hitte bestendig kom en overgiet met kokend water. Laat ± 15 minuten rustig trekken tot een sterke thee. Vis dan het zakje eruit en doe de rozijnen in de warme thee. Laat de rozijnen een paar uur of een nacht wellen. 
Leg een stukje bakpapier op de bodem van een cakevorm en vet de zijkanten in.
Klop het ei met de suiker en de melk door elkaar. Roer de niet opgenomen thee erdoor. Meng het zelfrijzend bakmeel erdoor. Meng de geweekte rozijnen voorzichtig door het beslag. Giet het beslag in de vorm en bak de irish teabrack op 170C in 75-85 minuten gaar. 
Laat iets afkoelen in de vorm en stort daarna op een rooster om verder af te koelen. Lauwwarm is de rozijnencake ook erg lekker. 

* het #dirtychaievent werd voor Celestial Seasonings georganiseerd door Kroonophetwerk. Ik was er bij, maar was niet verplicht erover te schrijven. Als ik de dirty chai toch niet lekker had gevonden was dit stukje niet geschreven.

zaterdag 30 april 2016

Tropische cake met kokos, papaja en mango

De laatste tijd ben ik weer flink cake aan het bakken. Taart is het nu wat minder. Over een tijdje zal het wel weer omslaan. Ook met bakken kun je bevliegingen hebben. Om de variatie erin te houden snuffelde ik eens in de keukenkastjes om te kijken wat daar nog ligt. Ik ben er namelijk best goed in om iets bijzonders te kopen maar dat dan niet te gebruiken omdat ik het wil bewaren voor iets speciaals. Zo ook de gedroogde papaja en mango. Ik gebruikte ze eerder in een pudding met spekkoeklikeur, maar er was nog steeds wat over. In deze cake gaven de mango en papaja net weer een iets ander smaakje. 




Tropische cake met kokos, papaja en mango

  • 40 gram gedroogde papaja
  • 40 gram gedroogde mango
  • 40 gram rozijnen
  • 2 eetlepels kokoslikeur
  • 100 gram zachte boter
  • 150 gram suiker
  • 100 gram yoghurt
  • 3 eieren 
  • 50 gram geraspte kokos
  • 210 gram zelfrijzend bakmeel
Knip de papaja en mango in stukjes zo klein (of groot) als de rozijnen. Doe ze samen met de rozijnen en kokoslikeur in een magnetronbestendig kommetje. Verwarm een halve minuut op vol vermogen en laat staan tot de rest van het cakebeslag klaar is.
Vet een cakevorm in en bestuif met bloem of paneermeel. Leg eventueel een stukje bakpapier op de bodem. 
Klop de boter met de suiker in ± 5 minuten tot een luchtig mengsel. 
Warm de oven voor op 180C. 
Klop de yoghurt door het botersuikermengsel. Klop er 1 voor 1 de eieren door. Meng er de kokos en het zelfrijzend bakmeel door. Meng als laatste de papaja, mango en rozijnen met likeur door het cakebeslag. Schep het beslag in de cakevorm. Bak de tropische cake in ± 45 minuten gaar. De cake is gaar als je er een cocktailprikker insteekt en deze zonder kleverige deegrestjes terugkomt. 
Laat de cake even in de vorm afkoelen en stort 'm daarna op een taartrooster om verder af te laten koelen. 

zondag 24 april 2016

Havermoutkoekjes (foodblogswap)

Vorige maand sloeg ik even over, maar deze maand deed ik weer mee met de foodblogswap. Alle foodbloggers die meedoen koken hierbij van een ander aan jou toegewezen blog. Koekiesenzo maakt van mijn blog iets, en ik maakte iets van de blog van Marjan, www.foodiemarjan.nl. Omdat het meivakantie is, vond ik het wel handig om iets lekkers voor onderweg te maken. Ik koos voor deze makkelijke havermoutkoekjes. Een deel van de rozijnen verving ik door geraspte kokos en ik maakte maar de helft van het recept. 




Havermoutkoekjes

(8-10 koekjes)

  • 50 gram rozijnen
  • 65 gram havermout
  • snuf zout
  • 1/2 theelepel baking soda
  • 20 gram volkorenmeel
  • 1 eetlepel bruine basterdsuiker
  • 20 gram geraspte kokos
  • 50 milliliter water
  • 1 eetlepel kokosolie (of roomboter)
  • paar druppels citroensap
Doe de rozijnen in een kommetje met lauw water en laat minimaal een uur wellen. Dit voorkomt dat de rozijnen (te erg) verbranden. 
Meng alle droge ingrediënten (havermout tot en met kokos) in een kom door elkaar. 
Warm water, kokosolie en citroensap op in een klein pannetje of in de magnetron tot de kokosolie gesmolten is. Roer dit met een vork door de droge ingrediënten tot een samenhangend geheel. Laat de rozijnen uitlekken, dep droog en meng ze door het deeg. 
Bekleed een bakplaat met bakpapier. Vorm met je handen balletjes (± bitterbalgrootte) van het deeg en duw ze op de bakplaat plat.
Bak de havermoutkoekjes op 180C in 20 minuten gaar. Laat afkoelen op de bakplaat. Als ze warm zijn vallen ze snel uit elkaar. 

donderdag 11 februari 2016

Slof met kaneelcrème, appel en meringue


Mannetje Q is niet echt een mannetje meer. Een prepuber is hij, en hij gedraagt zich af en toe ook zo. Tijd om na te denken over wat voor onderwijs hij volgend jaar gaat volgen. Tijd om open dagen van middelbare scholen te bezoeken. Helaas vonden de weergoden het ook tijd voor regen op dat moment. Gelukkig konden we thuis weer bijkomen met warme koffie en een heerlijk stuk van deze slof met kaneel, appel en meringue.

De hoeveelheid deeg is voor 2 sloffenbodems. Ik vroor de andere helft in.


Slof met kaneelcrème, appel en meringue

  • 180 gram boter
  • 200 gram witte basterdsuiker
  • 2 gram zout
  • 1 eigeel (bewaar het wit voor de meringue)
  • 250 gram bloem
  • 10 gram bakpoeder
  • 2,5 deciliter melk
  • 1 ei
  • 25 gram suiker
  • 20 gram bloem
  • 1 theelepel kaneel
  • 50 gram rozijnen
  • 2 eetlepels citroenbrandewijn (of rum, of appelsap)
  • 1 goudrenet (± 200 gram)
  • 1 eiwit (over na het deeg maken)
  • 55 gram suiker
  • 20 milliliter water
Snij de 180 gram boter in blokjes en doe ze in een kom. Meng met de suiker, het zout en de eidooier. Dit kan met een handmixer met kneedhaken, maar ook met een keukenmachine. Het mag best iets zacht worden. Kneed de 250 gram bloem en bakpoeder er daarna door. Verpak het deeg in plastic folie (of boterhamzakje) en leg een uurtje in de koelkast.
Verwarm de oven voor op 160C, boven- en onderwarmte. 
Knip een stuk bakpapier ter grootte van de bodem van de vorm. Vet de zijkanten in en bestuif met bloem. Rol het deeg uit tot een ovale lap en leg deze op de bodem van de vorm. Knip een stuk bakpapier dat iets kleiner is dan de bodem en leg dit op het deeg. Leg hierop een blindbakvulling. Op deze manier krijg je een opstaande rand op de sloffenbodem. Bak de bodem in ± 35 minuten goudbruin en gaar. Laat de taart in de vorm afkoelen. Verwijder de blindbakvulling. 
Breng de melk aan de kook. Roer in een kom het ei met de suiker, bloem en kaneel glad. Giet er langzaam de hete melk bij en roer tot er geen klontjes meer zijn. Doe het mengsel terug in de pan en laat op laag vuur weer aan de kook komen. Roer de hele tijd, en schraap hierbij goed over de bodem. Laat de vla 1 minuut doorbluppen en giet dan in een diep bord om af te koelen. Roer af en toe om velvorming te voorkoming. Dek af met plastic folie (leg het folie op de vla) en zet in de koelkast tot je de slof gaat samenstellen. 
Doe de rozijnen in een pannetje met de citroenbrandewijn. Verwarm zachtjes. Schil ondertussen de goudrenet, verwijder het klokhuis en snijd in kleine blokjes. Doe de blokjes appel bij de rozijnen en kook met een deksel op het pannetje 2 minuten op hoog vuur. Zet dan het vuur uit en laat het mengsel afkoelen. Bewaar tot je de slof gaat samenstellen in de koelkast. 
Vlak voor serveren maak je de meringue en zet je alle elementen in elkaar. Verdeel de kaneelcrème over de bodem van de slof. Verdeel hierover de appelblokjes. 
Doe voor de meringue de suiker in een kleine steelpan met dikke bodem. Druppel het water erover en laat op laag vuur warm worden. Schud af en toe voorzichtig zodat de suiker oplost. Zet dan het vuur hoger en laat doorkoken tot een witte stroop van 121C. 
Klop ondertussen de eiwitten stijf. Giet, al verder kloppend, de hete siroop op het stijve eiwit en klop tot een stevig schuim. Klop nog een minuut of 2 door om de meringue wat af te laten koelen. Verdeel de meringue over de appel en brand het schuim lichtbruin met een bruleebrander. Of zet heel (!) even onder een hete grill.
Eet de slof meteen. Als je hem langer laat staan, zakt het schuim wat in. Nauurlijk is de slof de volgende dag ook nog lekker en eetbaar, maar net gemaakt is-tie het lekkerst. 

vrijdag 13 november 2015

Appeltaart met spijs (en dinosaurus)


Creabea met koekjesstekers. In een van de laatste nummers van BBCGoodFood stonden een heleboel lekkere taarten en pie's. Voorop stond een prachtige foto van een taart met vijgen en frambozen bedekt met een heleboel deegbloemetjes. In plaats van een vlechtwerkje van deeg rol je het deeg uit en steekt met een koeksteker naar keuze vormpjes uit die je op de bovenkant van de taart legt als een soort deksel. Wat met bloemetjes kan, kan natuurlijk ook met dinosaurussen. Of met hartjes, engeltjes, hamers, bootjes, motoren en wat er verder nog meer aan koekstekers in mijn la ligt.


Appeltaart met spijs

(springvorm 20 centimeter doorsnee)
  • 75 gram rozijnen
  • 1 eetlepel amaretto
  • 300 gram bloem
  • 180 gram boter, in blokjes
  • 150 gram bruine basterdsuiker
  • 1 theelepel kaneel
  • snuf zout
  • 1 ei, losgeklopt
  • 150 gram amandelspijs, in dunne plakjes
  • 600 gram appel, in blokjes
Klem een vel bakpapier tussen de bodem en rand van de springvorm. Vet de zijkanten in en bestuif met bloem of paneermeel. 
Doe de rozijnen en amaretto in een kommetje en warm even op in de magnetron. 
Meng de bloem, boter, suiker, kaneel en zout in de mengkom van de keukenmachine tot het goed gemengd is. Voeg bijna al het ei toe en meng tot het deeg samenkomt. Gebruik 3/4 deel van het deeg om de bodem en zijkanten van de vorm te bedekken. Leg de plakjes spijs op de bodem. Verdeel de helft van de appelblokjes erover. Bestrooi met de rozijnen. Verdeel de rest van de appel erover. Maak van de rest van het deeg een vlechtwerkje of rol het uit op een bebloemd oppervlak en steek er vormpjes uit. Versier hiermee de bovenkant van de taart. Bestrijk met het achtergehouden losgeklopte ei. 
Bak de taart in ± 45 op 180C gaar. Laat de taart iets afkoelen, snijd de rand van de vorm los en maak dan de rand open. Laat verder afkoelen. Of eet de appeltaart als deze nog een beetje warm is. 

zaterdag 24 oktober 2015

Marokkaanse stoof van pompoen en kikkererwten

Dit at ik donderdag. Vrijdag dacht ik na over het weekmenu van volgende week. Omdat de pompoen, inclusief de pompoen in blokjes, volgende week in de aanbieding is bij de AH, dacht ik dat dit wel lekker gerecht was. Een pompoen in blokjes snijden is niet zo heel veel werk, maar je moet wel een groot mes hebben, en een hele pompoen is met z'n 2-en ook wel wat veel. Ik dacht ook dat ik zoiets al wel eens geblogd had, maar ik kon niets terugvinden. Wel pompoencurry's met kokosmelk, zoals deze en deze. Ook lekker, maar niet een pompoenstoof met Marokkaanse invloeden. 

Erbij aten wij nog wat rauwe venkel met granaatappelpitten, een schep yoghurt met verse kruiden als munt, koriander, peterselie erdoor en een stukje Turks brood. 

Marokkaanse stoof van pompoen en kikkererwten

(3-4 personen)

  • 2 eetlepels olijfolie
  • 1 ui, gesnipperd
  • 2 teentjes knoflook, fijngehakt
  • 1-2 theelepels harissa (of 1 rode peper, fijngehakt of sambal)
  • 1/2 theelepel komijnzaad (heel)
  • 1/2 theelepel korianderzaad (heel)
  • 1 theelepel komijnzaad (gemalen)
  • 1 theelepel korianderzaad (gemalen)
  • 1 theelepel kaneel
  • 1 theelepel kurkuma
  • 1 blik gepelde tomaten
  • zout
  • 1 flespompoen, geschild, in stukjes van 1,5 centimeter (± 1kilo schoon gewicht)
  • 1 pot kikkererwten (uitlekgewicht 400 gram)
  • 50 gram rozijnen
  • eventueel maizena om te binden
Verhit de olie in een braadpan. Fruit de ui een paar minuten. Voeg dan de knoflook tot en met kurkuma toe en bak even mee tot het lekker begint te ruiken. Doe dan de tomaten erbij en plet ze met een lepel. Voeg nog een blik water toe. Breng aan de kook. Voeg zout naar smaak toe. Schep de pompoen erdoor. Laat met een deksel op de pan op laag vuur 20-25 minuten pruttelen tot de pompoen gaar is. Schep af en toe om. Roer de kikkererwten en de rozijnen erdoor en laat nog 5 minuten meewarmen. Proef nogmaals en pas eventueel aan. Als je de pompoenstoof te soeperig vindt, kun je 'm eventueel nog binden met wat met koud water tot een papje geroerde maizena. 

zaterdag 29 augustus 2015

Afghaanse korianderdip

Een heerlijke dip om op je stokbroodje bij de bbq te smeren. Dan moet je natuurlijk niet tot de korianderhaters behoren. Wat koriander betreft, zijn de meningen niet snel neutraal. Of je vindt het heel erg vies, of je gebruikt het het liefst overal in. Tot welk kamp behoor jij?
Overigens is er wel bekering mogelijk. Ik schreef het wel eens eerder dat ik koriander naar zeep vond smaken. Nu gaat er toch wel een bosje per week doorheen. De mensen van de Turkse supermarkt weten het precies als ik binnenkom: een bosje munt, een bosje koriander en een bosje peterselie. En dat mag bij elkaar in een zakje. Veel Marokkanen willen blijkbaar de munt apart omdat anders hun thee naar koriander smaakt. 


Korianderdip


  • 50 gram hazelnoten
  • 2 teentjes knoflook
  • 1 bosje koriander
  • 1 pittige groene peper
  • 1 theelepel zout
  • 50 gram rozijnen
  • 50 milliliter witte wijnazijn
Doe de hazelnoten in de kom van een kleine keukenmachine en maal grof. Pers de knoflook erboven uit. 
Was de koriander, droog en hak de onderste 3-5 centimeter van de stelen en doe die weg. Hak de rest grof en doe in de keukenmachine. 
Was de peper, halveer en verwijder de pitjes. Hak in stukjes en doe ook in de keukenmachine. 
Doe ook de rozijnen, het zout en de azijn erbij. Draai alles tot een nog iets grove puree. Doe over in een schone jampot en bewaar in de koelkast. Daar blijft het wel een weekje goed. 


(deze dip is losjes gebaseerd op een recept voor Afghaanse korianderchutney uit Veggiestan van Sally Butcher)

dinsdag 3 maart 2015

Poffert (of trommelkoek)


Toen wij studeerden zaten wij in een eetgroep. Niet iedereen was even goed toebedeeld met culinaire gaven. Zo zat ik ooit bij iemand in de groep die met 1 pak spaghetti, een ui, een blikje tomatenpuree, een prei en 3 champignons en ik mag hopen een beetje gehakt een maaltijd voor 5-6 personen wilde maken. Die at bij de rest vast heel goed.
Maar over het algemeen was het prima te eten. En soms zelfs meer dan prima. Een vriendin van ons maakte soms poffert. Manlief met zijn toetjesliefde was dan helemaal gelukkig.
Poffert, of trommelkoek zoals het ook wel genoemd wordt, is een oud streekgerecht. Wikipedia leert mij dat het uit Groningen komt. Stevige boerenkost, zeker als je de variant met spek neemt. Die is aan mij niet besteed, maar ik houd ook niet van spekpannenkoeken. Ik maakte poffert als toet na erwtensoep. Dan is 1 plak meer dan genoeg.
Het recept komt bij onze vriendin vandaan, en die heeft het van haar moeder. Als achtergrond bij de foto het recept zoals zij dat van haar moeder heeft. Niet een ouderwets handgeschreven recept, maar al netjes in een wordbestandje. Toch vond ik het leuk om het erachter te doen. Krijg je toch een klein beetje een nostalgisch gevoel.


Poffert 

(voor 1 cakevorm)
  • boter en paneermeel voor invetten
  • 2 eieren
  • 500 gram zelfrijzend bakmeel
  • 5 deciliter melk
  • snuf zout
  • 100 gram rozijnen, geweld
  • (1 klein geraspt appeltje)
  • boter en bruine basterdsuiker voor erbij
Vet de cakevorm in met wat gesmolten boter en bestrooi met paneermeel. 
Klop de eieren 1 minuut in een grote kom zodat ze goed los zijn. Meng het zelfrijzend bakmeel, de melk en het zout erdoor. Het is slim om, voordat je de mixer weer aanzet, dat eerst een beetje door elkaar te mengen anders stuift de bloem en/of spettert de melk uit de kom. 
Roer de rozijnen en eventueel de appelrasp door het beslag. Giet het in de cakevorm. Bak de poffert in ± uur op 160C gaar. De poffert moet niet kurkdroog zijn, maar ook net niet klef meer. 
Serveer warm met een klont boter en bruine basterdsuiker. 

donderdag 15 januari 2015

Kakicake met kokosvulling

Iets van 20 kaki's zaten er in het kistje dat ik op de markt kocht. Een beetje veel, maar ik dacht: "manlief eet wel door". Dat viel een klein beetje tegen. Nu zet 1 kaki in deze cake niet echt veel zoden aan de dijk, maar ja, alle beetje helpen. Ik denk dat ik ook nog wat chutney ga maken met de bijna overrijpe kaki's.


Kakicake met kokosvulling

(springvorm 20 cm)
  • 3 eieren
    foto-kakicake
  • 125 gram suiker
  • 150 gram boter, gesmolten
  • 1 rijpe kaki (200 gram), gepureerd
  • 175 gram zelfrijzend bakmeel
  • 1 theelepel bakpoeder
  • 100 gram geraspte kokos
  • 75 gram rozijnen
  • 1 eetlepel kokoslikeur
  • 200 gram Griekse yoghurt
  • 25 gram geraspte kokos
  • 20 gram poedersuiker
  • 20 gram witte chocolade
Verwarm de oven voor op 175C.
Klop de eieren met de suiker in ± 5 minuten tot een luchtig mengsel. Meng de kakipuree en de boter erdoor. Meng daarna zelfrijzend bakmeel, bakpoeder en kokos door het beslag. Giet het beslag in de vorm. Bak de cake in 30-35 minuten gaar. Laat de cake afkoelen.
Doe de rozijnen met de kokoslikeur in een kommetje en verwarm even in de magnetron. Laat minstens een kwartiertje intrekken.
Meng de yoghurt met de kokos en poedersuiker. Roer de rozijnen erdoor.
Snijd de cake horizontaal doormidden. Schep de yoghurtvulling op de onderste helft. Doe dit in het midden en strijk met een bolle kant van een lepel uit. Laat de buitenste rand van 1 cm vrij. Leg de bovenste helft van de cake erop en duw iets aan. Zo komt de vulling tot aan de rand.
Doe de chocolade in een hittebestendig kommetje. Zet -van het vuur af- in een pannetje met bijna kokend water en laat de chocolade smelten. Lepel de chocolade in slierten over de taart. 

maandag 20 oktober 2014

Chocoladetaart met peer en bruine jenever

Na dit etentje kwam deze fles bruine jenever*) op tafel. Het eerste dat mijn schone zus zei toen de fles openging was "jonkerfris". Grappig hoe geuren in je geheugen hun werk doen. Daarna heeft ze er een flink gat in geslagen. Niet alles wat uit de fles is, heeft ze opgedronken hoor. Ik verwerkte ook een deel in deze 2 taarten.

Andere schone zus, de taart maakte ik met jouw breukchocolade.

Appeltaart met bruine-jeneverrozijnen

Neem dit recept voor appeltaart en week de rozijnen - het liefst een paar uur - in 50 ml bruine jenever.

Chocoladetaart met peer en bruine jenever

(quichevorm met losse bodem van 22 cm doorsnee)
  • 190 gram bloem
  • 30 gram cacao
  • 110 gram koude boter, in blokjes
  • 1-2 eetlepels ijskoud water
  • 50 gram pure chocolade
  • 3-4 peren, niet te rijp
  • 50 milliliter bruine jenever
  • 1 blaadje gelatine
  • 125 gram pure chocolade
  • 50 milliliter slagroom
Meng de bloem, cacao en boter in de keukenmachine snel tot een kruimelig mengsel. Meng er dan een beetje water door en draai kort tot het deeg samenkomt. Voeg eventueel nog een klein beetje water toe. Vorm van het deeg een platte, ronde schijf en stop 'm in een boterhamzakje. Laat een half uurtje in de koelkast rusten. 
Bekleed de bodem van de vorm met een vel bakpapier en vet de zijkanten in.
Rol het deeg uit tot een ronde lap van ± 26 cm doorsnee en leg in de vorm. Prik met een vork gaatjes in de bodem en bedek met een vel bakpapier of siliconenvel. Leg hierop een blindbakvulling (bv. overjarige gedroogde peulvruchten). Zet de vorm nog even in de koelkast. 
Verwarm de oven voor op 175C. Bak de deegbodem 20 minuten met steunvulling, verwijder die dan en ook het bakpapier, en bak de bodem dan nog 20-25 minuten tot deze gaar is. Laat de bodem afkoelen. 
Hak de 50 gram chocolade grof, doe in een hittebestendige kom en hang boven een pan met bijna kokend water. Laat smelten. Bestrijk de deegbodem van binnen helemaal met gesmolten chocolade. Zet in de koelkast om hard te laten worden. 

Week het blaadje gelatine in koud water. 

Schil de peren, snijd in kwarten, verwijder het klokhuis en snijd ze in kleine blokje (0,5 cm). Doe ze in een pannetje met 3/4 deel van de jenever. Breng aan de kook en laat ± 5 minuten pruttelen tot de peer wat zachter is. Giet het vocht af en meet 0,8 dl af. Los hierin de gelatine op en vul aan met de achtergehouden jenever. Doe dit weer bij de peren. Laat afkoelen en lobbig worden. Schep het mengsel op de chocoladebodem. 
Hak de rest van de chocolade grof. Doe samen met de slagroom in een hittebestendige kom en hang boven een pan met bijna kokend water. Laat de chocolade smelten. Giet de ganache over de peren in de vorm en laat opstijven in de koelkast. 

*) Deze fles zat in de foodybox die ik mee naar huis mocht slepen na het foodbloggersevent 2014 in januari georganiseerd door Kroon op het werk. Ik drink nauwelijks alcohol, en wat ik drink moet redelijk zoet zijn. Ik vond deze bruine jenever pittig en nog net zoet genoeg.

donderdag 14 augustus 2014

Hartige taart met zoete aardappel, witte kaas en filodeeg

Een tijdje geleden maakte ik ongeveer deze kleine tortilla's met zoete aardappelvulling. Van de vulling bleef nog heel veel over, die ik vervolgens in deze hartige taart verwerkte. De puree van zoete aardappels wordt goed op smaak gebracht met rode ui, jalapenopeper, knoflook en koriander. Wees niet te zuinig met de smaakmakers, want anders krijg je een beetje een weeïg gerecht. Erbij aten we een salade van dungeschaafde venkel, partjes sinaasappel, zwarte olijven, boogjes bleekselderij met een dressing van het sinaasappelsap, wat notenolie en wat yoghurt.

Hartige taart met zoete aardappel, witte kaas en filodeeg

(rechthoekige ovenschaal van ± 25 bij 35 cm)
  • 1 kilo zoete aardappel
  • zout
  • 3 teentjes knoflook, uitgeperst
  • 2 jalapenopepers, fijngehakt
  • 1 rode ui, heel fijn gesnipperd
  • 1 theelepel komijn
  • 1/2 bosje verse koriander, fijngehakt
  • 400 gram witte kaas
  • 75 gram rozijnen
  • 1 pak filodeeg (koeling, 500 gram)
  • olijfolie
Schil de zoete aardappel, snijd in blokjes en doe in een pan met zoveel gezouten water dat de blokjes net onderstaan. Breng aan de kook en laat 10-25 minuten koken tot de aardappel gaar is. Dat ligt aan de grootte van de blokjes, en ook aan de soort aardappel. Controleer af en toe. Giet de aardappel af en laat even droogstomen. Stamp de aardappel fijn met een pureestamper. Meng de knoflook, jalapenopeper, rode ui, komijn en koriander erdoor. Brokkel de witte kaas erboven en roer er doorheen. Meng ook de rozijnen erdoor. Proef of er nog zout bij moet. 
Warm de oven voor op 200C.
Vet de ovenschaal in. Leg een vel filodeeg onderin, bestrijk met wat olie en leg hierop weer een vel filodeeg. Maak zo een stapel van 1/3 deel van de vellen filodeeg. Verdeel de helft van de zoete aardappelpuree erover. Maak hierop weer een laag filodeeg, waarbij je ze tussentijds bestrijkt met olie. Verdeel hierover de rest van de puree. Maak nu met het het laatste 1/3 deel van het filodeeg een laag zoals je eerder hebt gedaan. Bestrijk de bovenkant met olie. Snijd met een scherp mes de taart in stukken zo groot als je straks wilt. Bak de hartige taart in 35-45 minuten gaar en goudbruin. 

maandag 7 juli 2014

Andijvie met kikkererwten, olijven, rozijnen en feta

Andijvie: 60 cent voor een krop. Dat is niet duur. Toch laat ik die aanbieding vaak aan mijn winkelmandje voorbij gaan. Andijvie is een van de weinige groente waarvan ik niet goed weet wat ik er mee moet. Ja, in de stamppot met spekjes, maar dat vind ik een beetje saai. Of gekookt met aardappels en een gehaktbal en tomatenketchup, zoals wij dat vroeger aten. Echt gelukkig word ik daar niet van.
Toen ik een paar maanden terug in de Delicious een recept van Yolanda van der Jagt zag staan waarin ze de andijvie smoorde in de oven met kikkererwten en olijven. Dat leek me lekker en heb ik dus opzij gelegd tot de andijvieaanbieding.


Geïnspireerd door dat recept maakte ik mijn eigen variant. Op deze manier viel de wat bittere smaak van de andijvie goed op. Het was mij nooit zo opgevallen dat er iets lekker bitters in zit. Misschien toch niet zo raar als je bedenkt dat het Franse woord voor witlof "endive" is; er is dus ergens een verband.


Andijvie met kikkererwten, olijven, rozijnen en feta


(6 personen)
  • 1,2 kilo andijvie (2-3 stronken)
  • 600 gram gare kikkererwten
  • 4 eetlepels olijfolie
  • 1 klein, scherp pepertje, fijngehakt
  • 100 gram rozijnen
  • 3 teentjes knoflook, in dunne plakjes
  • 200 gram zwarte olijven, ontpit en gehalveerd
  • 200 gram feta, in blokjes
Laat het kontje aan de stronken andijvie. Snijd elke stronk in 4-6 stukken en zorg ervoor dat elk stuk aan de onderkant heel blijft. Spoel de stronken onder de koude kraan uit om zand te verwijderen. 
Doe 2 eetlepels olijfolie in een grote ovenschaal. Meng het pepertje en de rozijnen erdoor. Bestrooi met wat zout. Verdeel de helft van de knoflook, de helft van de olijven en de helft van de kikkererwten hierover. 
Breng een pan water met wat zout aan de kook. Kook hierin de stukken andijvie 2 minuten en schep ze met een tang of schuimspaan uit het water. Dit moet in 2-3 ladingen, anders past het niet. Laat de andijvie wat uitdruipen en leg dan in de ovenschaal. 
Bestrooi de andijvie met wat zout. Verdeel de rest van knoflook, olijven en kikkererwten over de andijvie. Dek de schaal af met aluminiumfolie.
Zet de andijvie 45 minuten in een oven van 180C. Verwijder dan het folie en bestrooi met de feta. Zet nog even onder de gril tot de feta licht gekleurd is. 

Ik (en mijn afhalers) aten er gnocchi met rucolapesto bij, maar lekker brood of couscous is ook een goede combinatie.

maandag 5 mei 2014

Zoete broodkrans met abrikozen en marsepein

In de Delicious van april 2014 stond een hele mooie broodkrans met abrikozen en marsepein van Paul Hollywood. Hier staat het originele recept mèt supergelikte foto. Wel in het Engels, en een andere foto dan in de Delicious.  Daarbij vergeleken is mijn brood maar een zielig geval.

Het deeg vond ik erg zacht zodat het in elkaar draaien van de 2 benen erg lastig ging. De vulling was zo zwaar dat het deeg direct naar beneden viel. Daarom heb ik maar 2 of 3 slagen gemaakt en toen maar de krans rond gemaakt.
De tweede rijs ging bij mij ook niet echt goed. Het brood bleef het formaat houden zoals ik het gevormd had.
Maar het eindresultaat in smaak was wel heel goed. Manlief en mannetje Q waren beiden erg enthousiast. Maar ja, wat wil je ook met 200 gram marsepein? Ik vond 'm zelf iets te zoet hierdoor en zal een volgende keer iets minder marsepein gebruiken. Sttt, niet zeggen tegen de beide mannen.

Zoete broodkrans met abrikozen en marsepein


Deeg:
  • 250 gram patentbloem
  • 5 gram zout
  • 8 gram droge gist
  • 50 gram zachte boter
  • 135 ml melk, handwarm
  • 1 ei, losgeklopt
Vulling:
  • 120 gram gedroogde abrikozen, in stukjes
  • 150 ml sinaasappelsap
  • 90 gram zachte boter
  • 70 gram lichtbruine basterdsuiker
  • 35 gram bloem
  • 60 gram rozijnen
  • 65 gram walnoten, grof gehakt
  • 200 gram marsepein
  • abrikozenjam om te bestrijken na het bakken
Zet de avond tevoren de gedroogde abrikozenstukjes in het sinaasappelsap in de week.
Doe alle ingrediënten voor het deeg in de kom van de broodbakmachine en kneed ± 5 minuten tot een zacht deeg. Leg het daarna op een iets met bloem bestoven werkvlak en kneed nog ± 5 minuten met de hand door. 
Vet een kom in met een klein beetje olie. Leg de deegbal hierin en keer 'm om zodat alle kanten licht ingevet worden. Dek de kom af met een vochtige theedoek en laat rijzen tot de deegbal twee keer zo groot is geworden. Dit kan 1-3 uur duren. 

Klop voor de vulling de boter met de suiker tot een romig mengsel. Meng er de bloem door. Meng dan de uitgelekte abrikozen, rozijnen en de walnoten erdoor. 

Rol het gerezen deeg uit tot een lap van ± 25 bij 33 cm. Verdeel het abrikozenmengsel erover. Rol de marsepein uit tot een iets kleinere lap en leg deze op het abrikozenmengsel. Rol de lap vanuit de lange kant op tot een rol. Snijd deze in de lengte in tweeën maar laat aan een kant aan elkaar zitten. Denk aan een broek met twee pijpen. Draai deze benen om elkaar heen als een spiraal. Vorm dan deze gedraaide rol tot een krans. Leg de krans voorzichtig op een met bakpapier beklede bakplaat en bedek met een vochtige theedoek (of stop met bakplaat en al in een grote plastic zak). Laat de krans nog 1 uur rijzen. 

Verwarm de oven voor op 200C. 

Bak de krans in 25-30 minuten gaar. Laat afkoelen op een rooster. Bestrijk de krans met abrikozenjam.