Posts tonen met het label kaneel. Alle posts tonen
Posts tonen met het label kaneel. Alle posts tonen

woensdag 22 december 2021

Kerstboomtaart met chocolademousse, perencompote, meringue - cover kerstnummer Delicous

 

Dit was mijn kerstbakproject. Nou ja, eigenlijk pre-kerstbakproject. De kerstboomtaart sierde de cover van het kerstnummer van Delicious. Na het lezen van het recept vond ik dat het wel haalbaar moest zijn. Ik maakte deze taart het afgelopen weekend en toen aten we 'm ook. Het is een taart voor veel mensen. In plaats van een kerstkaart bracht ik een aantal buren een stukje kersttaart. 

De taart bestaat uit een financierbodem. Dat is een cakeachtige bodem van eiwit, amandel, bloem, boter en poedersuiker. In dit geval op smaak gebracht met vijfkruidenpoeder. De vulling bestaat uit een perencompote (met kaneel, kruidnagel en mandarijn), chocolademousse (die ik nog op smaak bracht met kardemom) en meringue. De meringue is meer marshmallow-achtig. Er gaat ook gelatine door. Als smaakmaker zat hier rozemarijn in. 

Het recept staat gewoon op de site van Delicious. In deze blogpost mijn verhaal over hoe het bakken van deze taart mij verging. 

Als eerste een beetje een kritische opmerking. Bij het recept wordt opgemerkt dat patissiers nauwkeurig zijn en daarom ook de slagroom en de rode wijn in grammen afwegen in plaats van in milliliters. Waarom wordt er dan in het recept gesproken over het sap van 1 mandarijn? Zeg dan hoeveel milliliter (of eigenlijk dus gram) mandarijnsap je nodig hebt. En geef van de peren het gewicht na schillen en klokhuis verwijderen.

Mensen die mij al een tijdje volgen weten dat ik bij koken en bakken niet zo van de tot op de gram nauwkeurig ben. Mijn baksel zijn gewone huis- tuin- en keukenbaksels, geen patisserie. Dus de perencompote maakte ik ook gewoon lekker anders. Ik houd niet zo van wijn, dus ik gebruikte alleen mandarijnsap. En de geleisuiker die ik in huis had is een 2:1-geleisuiker. Daar kun je een minder zoete jam mee maken omdat er verhoudingsgewijs meer pectine aan de suiker is toegevoegd. In plaats van de in het recept genoemde 500 gram geleisuiker gebruikte ik 400 gram 2:1. Toch vond ik mijn perencompote nog wat aan de dunne kant, dus voegde ik nog wat gelatine toe. Wat overigens volgens mij geen invloed had op het uiteindelijke resultaat. Ik raad aan om de compote dus zeker 1 dag (maar 2 kan ook prima) van tevoren te maken zodat je die nog eventueel kan verstevigen als dat nodig blijkt te zijn. 

Het is sowieso slim om alle elementen (een dag) van tevoren te maken. Alles moet afkoelen voordat je de taart samenstelt. De meringue maakte ik wel zaterdagochtend, en we aten het eerste stukje bij de koffie die dag. Maar hij houdt zich goed dus een dag van tevoren moet ook kunnen. Wel denk ik dat ie dan iets minder makkelijk verwerkt kan worden omdat de gelatine is opgesteven. Je zult denk ik met een mes de meringuesliert van de spuitzak moeten lossnijden. 

Bij het maken van de meringue schoot ik lichtelijk in de stress. Hij bleef behoorlijk vloeibaar. Maar stug doorkloppen tot de meringue echt flink was afgekoeld deed het 'm. Ik kreeg een stevig schuim dat zijn vorm behield. En na een nacht in de koelkast was het schuim zelfs nog steviger geworden. Een standmixer (met ballongarde) is wel handig om te hebben maar een ouderwetse handmixer werkt ook. Vervolgens moest het schuim in de spuitzak. Op dat moment vroeg ik me weer af waarom ik deze taart ook al weer wilde maken. Ik heb een soort haat-liefdeverhouding met spuitzakken en zeker als er een plakkerig goedje als meringue in moet. Daarom schep ik meringue meestal met een lepel op een taart, maar dat was in dit geval niet echt een optie. Voor de chocolademousse gebruikte ik een stevige ziplockzak waar ik een puntje afknipte. De mousse moest na een nacht in de koelkast wel weer wat zachter worden om 'm goed te kunnen verwerken. 

De taart bestaat uit 5 lagen van verschillende grootte. Het beslag maak je in een grote kom. Hoe weet je dan hoeveel beslag je in welke vorm moet scheppen? Hiervoor moet je even ouderwets rekenen. Bereken de oppervlakte van elke taartlaag. Je weet wel, de oppervlakte van een cirkel is pi r kwadraat, waarbij r de straal (dus halve diameter) is. En pi zit onder een knopje op je rekenmachine. Vervolgens tel je al die oppervlaktes bij elkaar op. En dan bereken je voor elke vorm hoeveel procent van het totaal deze vorm is. Het totaalgewicht aan beslag weeg je ook. En dan pas je de percentages op het totaalgewicht toe. Ik heb van veelgebruikte schalen en pannen een briefje in de keuken liggen wat het lege gewicht is. Dus dan kan ik heel snel bepalen wat het gewicht van de inhoud is. Hier is een tabelletje voor de lagen van deze kersttaart.

En hoe krijg je zo'n taart dan mooi verdeeld? Gewoon weer uit elkaar halen en elke laag apart in stukjes snijden. Dat ging goed. Gelukkig maar, want ik had ook 3 lagen via thuisgekookt aangeboden. Een schep extra compote ging er in een bakje bij. Daarvan had ik verhoudingsgewijs weinig gebruikt om de taart mee te vullen. 

En voor hoeveel mensen is deze taart? Volgens het recept voor 16 mensen, maar ik denk dat je er meer porties uit kan halen. Sowieso is het best een machtige taart. En als je het dan ook nog als dessert eet na een uitgebreid kerstdiner, dan vind ik 1/16 echt veel te veel. Van mijn kerstboomtaart was de onderste laag was voor onszelf. Daar sneed ik dan 3 keer (zaterdag, zondag en maandag) 3 stukjes van. In tienen zou ook nog prima kunnen. De 2e laag kan zeker in 6, de middelste in 4 en de een-na-bovenste in 2. De bovenkant is, met een extra lepel chocolademousse en perencompote ook nog 1 portie. Dan zit je al op 10+6+4+2+1=23. Verder had ik ook nog veel vulling over en de afsnijdsels van de financierlagen. Daar maakte ik "troeptoetjes" van. Zeg maar een soort trifle. Die hadden dan verhoudingsgewijs wat minder bodem, maar dat waren nog zeker 6 toetjes.  Gezien de hoeveelheid suiker in het hele recept (bodem 400 gram (poeder)suiker, compote 500 gram (gelei)suiker, meringue 500 gram kristalsuiker dus in totaal 1,4 kilo suiker) vind ik bijna 30 porties een betere keuze. 

Was het een moeilijke taart om te maken? Ik vind de meringue het lastigste element. Ik durfde het ook niet aan om de gelatine in het schuim te gooien. Ik was bang dat het niet goed en regelmatig zou smelten en dat je dus klontjes gelatine zou proeven. Daarom liet ik de gelatine in het laatste beetje suikersiroop (van het vuur af!) smelten zodat ik kon zien dat het oploste. Dat klopte ik vervolgens nog snel door het schuim. De rest is prima te doen. Was het een lekkere taart? Ja zeker. De smaakcombinaties zijn voor herhaling vatbaar. Ik denk alleen dat ik het dan in een iets andere vorm giet. 

woensdag 3 maart 2021

Omgekeerde appel-kaneelcake met hazelnoot en gember

 

Commentaar van Q op deze cake was dat hij de appel-cakeratio niet goed vond. Hij had liever een dunnere cake gehad zodat je meer appel per hap cake had. Dat kan. Gebruik dan een wijdere vorm en een appel extra. De oventijd wordt dat ook een stukje korter.

Omgekeerde appel-kaneelcake met hazelnoot en gember

(recept van bijnanetzolekkeralsthuis)

  • 25 + 100 gram zachte boter
  • 25 gram (riet)suiker
  • 1 grote appel
  • 200 gram suiker
  • 3 eieren
  • 125 milliliter zonnebloemolie
  • 2 theelepels kaneel
  • 2 theelepels bakpoeder
  • 200 gram bloem
  • 50 gram middelgrof gemalen hazelnoten
  • 4 bolletjes gember, fijngehakt
Gebruik een dichte vorm/ovenschaal, geen springvorm. 
Leg op de bodem een stuk bakpapier en vat de zijkanten van de vorm in. 
Smeer de bodem van de vorm in met de 25 gram boter. Bestrooi met de rietsuiker. 
Schil de appel, snijd in kwarten, verwijder het klokhuis, en snijd in plakjes. Verdeel over het boter-suikerlaagje. 
Klop de 100 gram boter met de suiker luchtig. Klop er 1 voor 1 de eieren door. Klop de zonnebloemolie er scheutje voor scheutje door. Zeef kaneel, bakpoeder en bloem boven het beslag en meng er snel door. Meng tot slot de hazelnoten en gember door het beslag. 
Verdeel het beslag over de appel. Bak de appel-kaneelcake op 170C in ± 1 uur gaar. 
Snijd de cake los van de randen en stort op een bord. Serveer met de appel aan de bovenkant. 

woensdag 9 december 2020

Hazelnoot-kipferl met kaneelsuiker


Ooit bakte ik heel veel soorten kerstkoekjes. Afgelopen jaar hield ik het bij deze kipferl en Aachener Printen. Omdat ik vorig jaar mijn blogposten tot kerst al had ingevuld, heeft het recept van deze kerstkoekjes tot vandaag moeten wachten. Traditioneel worden kipferl met gemalen amandelen en vanille door het deeg gemaakt. Ik varieerde, zoals gewoonlijk, en gebruikte gemalen hazelnoten en wentelde de koekjes door kaneelsuiker.

Hazelnoot-kipferl met kaneelsuiker

(recept van bijnanetzolekkeralsthuis - ± 60 koekjes)
  • 280 gram bloem
  • 70 gram fijne kristalsuiker
  • snuf zout
  • 100 gram gemalen hazelnoten (oa af en toe te koop bij de Aldi)
  • 210 gram koude boter, in blokjes
  • 1 ei
  • 50 gram poedersuiker
  • 2 theelepels kaneel
Meng bloem, suiker, zout, hazelnoten, boter en ei in de keukenmachine tot een bal deeg. Je kunt ook het deeg zonder machine maken. Doe hiervoor bloem tot en met hazelnoten in een kom en meng alvast door elkaar. Doe de boter blokjes erbij en wrijf met je handen een deel van de boter door de bloem tot korrels. Voeg dan het ei toe en wrijf verder. Kneed op het eind met je handen verder door elkaar en vorm een bal van het deeg. Leg het deeg een uur in de koelkast. 
Bekleed een bakplaat met bakpapier. Rol het deeg uit tot een dikke worst van ± 3 centimer doorsnee. Snijd in plakjes van 1 centimer. Rol elk plakje tot een worstje en vouw krom tot een maantje. Leg de kipferl op de bakplaat. Waarschijnlijk heb je meer koekjes dan er op 1 bakplaat passen. Vorm dan de rest terwijl de eerste lading bakt. Bak de koekjes in 10-12 minuten op 175C gaar. Ze moeten vrij licht blijven. 
Meng ondertussen de poedersuiker met de kaneel in een diep bord. Rol de warme koekjes hierdoor. Laat dan verder afkoelen op een rooster. 

woensdag 9 oktober 2019

Kaneelcake met vijgen


Mooi hè, zo'n doorgesneden vijg? Natuurlijk ook lekker. Als je deze kaneelcake met vijgen wilt bakken, moet je wel snel zijn. Vijgen zijn er niet zo lang. De vijgen die in Nederland aan de boom groeien, daarvoor moet je waarschijnlijk weer op volgend jaar wachten. Maar op de markt of in de supermarkt kun je nog wel vijgen kopen. Mijn eigen vijgenboom doet het jammergenoeg niet zo goed meer. Vanuit de volkstuin is het nu een potvijg geworden. Er komen vijgen aan, maar die worden niet echt meer rijp. En op een gegeven moment verdrogen ze en vallen ze af. Ik moet me nog maar eens in vijgenzorg verdiepen. 




Kaneelcake met vijgen

(recept van bijnanetzolekkeralsthuis - rechthoekige vorm ± 25 bij 35 centimeter)

  • 250 gram zachte boter
  • 225 gram suiker
  • 5 eieren
  • 50 milliliter yoghurt
  • 3 theelepels kaneel
  • 275 gram zelfrijzend bakmeel
  • 9 vijgen
Leg een stuk bakpapier op de bodem van de vorm. 
Klop de boter met de suiker in een paar minuten tot een romig mengsel. Klop er 1 voor 1 de eieren door. Klop dan de yoghurt erdoor. Meng tot slot kaneel en zelfrijzend bakmeel door het beslag. Verdeel het beslag over de vorm. Halveer de vijgen en leg ze netjes in het beslag. 
Bak de kaneelcake op 175C in ± 40 minuten gaar. 

donderdag 26 juli 2018

Kruidkoek met cranberries en appel


Na een paar jaar ontdekte ik de kruidkoek weer. Naast de variatie met abrikozen en gember, bakte ik er ook 1 met appel en cranberries. Verder gaat er ook anijs als smaakmaker in. 

Bij het doorlezen van mijn recept van de kruidkoek van een paar jaar geleden zag ik dat ik toen anijsblokjes heb gebruikt. Die bestaan niet meer. Je kunt nog wel zakjes met anijsmelkpoeder kopen. Of je maakt je eigen mengsel zoals ik doe. Als je de zakjes gebruikt, kun je iets minder suiker gebruiken en ik denk dat het minder sterk naar anijs smaakt, dus gebruik iets meer dan 1,5 theelepel.


Kruidkoek met cranberries en appel

(recept van bijnanetzolekkeralsthuis - voor 1 cakevorm)


  • 50 gram boter
  • 2,5 deciliter karnemelk
  • 350 gram zelfrijzend bakmeel
  • snuf zout
  • 2 theelepels kaneel
  • 1,5 theelepel gemalen anijszaad (of anijsmelkpoeder)
  • 150 gram bruine basterdsuiker
  • 75 gram kristalsuiker
  • 75 gram gedroogde cranberries
  • 1/2 appeltjes, in kleine blokjes
Leg een stukje bakpapier op de bodem van de cakevorm en vet de zijkanten in. 
Smelt de boter in een pannetje en warm de karnemelk heel even mee tot handwarm.
Doe zelfrijzend bakmeel, zout, kaneel, anijs en suiker in een kom en meng door elkaar. Giet er het karnemelk-botermengsel bij en meng met de handmixer met deeghaken door elkaar. Controleer ook of het onderste in de kom goed gemengd is. Meng er op het laatst de appel en cranberries door. 
Doe het beslag voor de kruidkoek in de vorm en bak de kruidkoek in ± 60 minuten gaar op 170C. 

maandag 26 maart 2018

Laghman - noedelsoep met lam uit Oezbekistan


Vorige week maandag schreef ik over Samarkand, een kook-en reisboek met recepten uit Centraal-Azie. Hierin stond ook een recept voor laghman, een recept voor noedelsoep uit Oezbekistan. In deze soep zie je de invloed van de Oeigoeren, een bevolkingsgroep in China. Ook bij noedels denk je eerder aan China of Japan dan aan Oezbekistan. Die noedels zijn wel speciaal. Net zoals pasta, koop ik noedels eigenlijk altijd kant-en-klaar. Pasta maak ik soms zelf, maar bij noedels heb ik daar eigenlijk nooit over nagedacht. De noedels in laghman horen eigenlijk met de hand gemaakt te worden. Van een deeg van bloem en water worden strengen gerold, die worden ingevet en opgerold als een spiraal om te rusten. Daarna volgen wat agressieve handelingen waarbij er met de strengen op het werkblad wordt geslagen om uiteindelijk dikke noedels te krijgen. Dat ga ik nog wel een keer oefenen, maar deze keer gebruikte ik ongedroogde udonnoedels. Google maar eens op "laghman, hand pulled noodles".

Je kunt ervoor kiezen om laghman minder soepig te maken en meer sauzig. Dan lijkt het bijna op de Italiaanse spaghetti al ragù. Uiteindelijk lijken heel veel gerechten die als authentiek worden aangeprezen op elkaar. Over de hele wereld kwamen mensen op het idee om bepaalde dingen met elkaar te combineren.


Laghman - noedelsoep met lam uit Oezbekistan

(recept van bijnanetzolekkeralsthuis - 4-6 personen)


  • 2 uien, in halve ringen
  • 2-3 eetlepels (koolzaad)olie
  • halve lamsnek (± 800 gram)
  • 2 teentjes knoflook, fijngehakt
  • 1-2 rode pepers, fijngehakt
  • 1 pakje tomatenpuree (140 gram)
  • 1 kaneelstokje
  • 3 stuks steranijs
  • 1 rundvleesbouillonblokje
  • 500 gram meiraap, in blokjes
  • 500 gram paprika, in vierkantjes van ± 2 bij 2 centimeter
  • 3 tomaten, in blokjes
  • 2 theelepels witte wijnazijn
  • verse koriander om te bestrooien
  • 800 gram "verse" (ongedroogde) udonnoedels
Begin zeker 4-5 uur van tevoren met de saus maken. Een dag van tevoren is ook goed, daar wordt de laghman alleen maar lekkerder van.
Verhit een scheutje olie in een braadpan die ook in de oven kan. Bak hierin de uien op hoog vuur in een paar minuten lichtbruin. Schep uit de pan. Doe de rest van de olie erbij en bak het vlees rondom bruin en schep het vlees even op een bord. Doe de uien weer in de pan en bak knoflook en rode peper even mee. Voeg de tomatenpuree, kaneelstokje en steranijs toe. Roer even en voeg 0,8 liter kokend water toe. Los het bouillonblokje erin op en zet het vuur laag. Leg het vlees in de saus. Als het vlees niet helemaal onderstaat, voeg dan nog een beetje water toe. 
Zet de pan in een oven van 120C. Voeg na 1,5 uur de helft van de meiraap, paprika en tomaten toe. Leg dat gewoon bovenop het vlees. Zet nog 2 uur in de oven. Kijk of het vlees makkelijk van het bot komt, en haal het dan in stukjes van het bot af. Anders laat je het nog een half uur in de oven verder garen. Doe de stukjes vlees (en het bot) terug in de pan. Voeg de achtergehouden meiraap, paprika en tomaat toe en zet nog een uur terug in de oven. 
Proef de soep/saus, voeg azijn toe en voeg naar smaak nog wat peper en zout toe. Als je liever een soepige consistentie wilt, voeg dan eventueel nog wat water toe. 
Maak de noedels klaar volgens de aanwijzing op de verpakking. Schep de noedels in diepe kommen en schep hierover de soep/saus. Bestrooi met verse koriander. 

bron: het recept uit Samarkand en een aantal recepten via internet ter vergelijking en daarna een heleboel eigenwijsheid om het toch weer anders te doen

donderdag 13 juli 2017

Courgettecake met kardemom en kaneel en rozenmascarpone


Op een erg warme, zomerse middag liep ik - samen met een groepje leuke foodbloggers - achter Edwin aan door het Beatrixpark in Amsterdam. We gingen wildplukken*). Nou ja, veel geplukt werd er niet, maar ik heb wel veel opgestoken over een boel planten en bomen waarvan je delen gewoon kunt eten. Binnenkort maar een rondje door de uiterwaarden, het Sonsbeekpark, park Immerloo en de diverse plantsoenen maken om te kijken of ik planten herken.

De middag eindigde bij restaurant As - in datzelfde park - met lekkere gerechten waarvoor de thee tot inspiratie leidde of zelfs in verwerkt was. Langoustine met een tomatensaus met daarin de kaneel&kardemom. Lamsvlees en boontjes en augurk die gepickeld was in zoetzuur met de gember&kurkumamix. Toe lavendelijs met perzik en een siroop met kamille. Daarbij dronk ik natuurlijk de bijbehorende thee. Zelf was ik het meeste benieuwd naar de lavendel-kamille. Zo'n grote fan ben ik niet van lavendel en zeg je kamille dan denk ik muf. Aangenaam verrast was ik. Licht en bloemig. Het doosje dat ik meekreeg komt dus wel op hier. Overigens eindigde die middag ook met zomerse hoosbuien.

Het plan de volgende dag was om de thee- en wildplukinspiratie in een gerecht om te zetten. Toen ik naar de stad fietste zag ik in een flits iets staan waarvan ik dacht dat dat wel eens een wilgenroosje kon zijn. Dat zou mooi zijn omdat Edwin daar een leuk verhaal over vertelde. Van de licht gefermenteerde en daarna gedroogde bladeren kun je thee maken. In Oost-Europa gebeurt dat nog steeds. Ook de bloem kun je eten. Ik plukte 1 kleine stengel. Thuis controleerde ik met behulp van een aantal site's of het inderdaad wilgenroosje was. Sinds een biologiewerkstuk van GZQ heb ik daar wat handigheid in gekregen.... Mijn conclusie was dat het om het harig wilgenroosje ging. Daarover vond ik tegenstrijdige informatie op internet. De ene bron gaf aan dat je het gewoon kon gebruiken als het wilgenroosje, maar een andere gaf aan dat het niet zo goed voor je zou zijn. Uiteindelijk heb ik het drogen maar laten zitten, maar de bloemen wel gebruikt voor op de taart. Overigens heeft het wilgenroosje wat smaak en plantenfamilie niet iets met rozen te maken. Dus mijn gebruik van rozenwater is puur een taalkundige uitwerking van de inspiratie.

Als je makkelijk wilt doen, kun je in plaats van kardemom en kaneel ook de inhoud van een zakje thee gebruiken. De verhouding kaneel-kardemom is dan iets anders, maar het is alleen kaneel en kardemom wat je toevoegt, verder niets. 


Bij deze taart drink je natuurlijk een kopje Celestial organics - kaneel & kardemom.




Courgettecake met kardemom en kaneel en rozenmascarpone

(recept van bijnanetzolekkeralsthuis - 2 springvormen 14 centimeter doorsnee)


  • 15 kardemompeulen
  • 125 gram boter
  • 50 gram Griekse yoghurt
  • 175 gram suiker
  • 1 theelepel kaneel
  • 3 eieren
  • 200 gram zelfrijzend bakmeel
  • mespunt baking soda
  • 150 gram geraspte courgette, iets uitgeknepen
  • 250 gram mascarpone
  • 100 gram roomkaas
  • 1/4-1/2 theelepel rozenwater
  • 50 gram poedersuiker
  • 150 gram kersen, ontpit en gehalveerd
  • eventueel verse (onbespoten) rozenblaadjes als versiering

Gebruik 2 springvormen met een diameter van 14 centimeter. Klem een vel bakpapier tussen de rand en de bodem van de springvormen. 
Breek de kardemompeulen open in de vijzel en peuter de zaadjes eruit. Vijzel de zaadjes fijn of gebruik een specerijenmolen. 
Verwarm de oven voor op 170C. 
Klop de boter, yoghurt, suiker, kaneel en kardemom tot een romig mengsel. Klop er 1 voor 1 de eieren door.  Meng zelfrijzend bakmeel en baking soda door het beslag. Spatel er als laatste de geraspte courgette door. 
Verdeel het beslag over de 2 springvormen en strijk de bovenkant glad. Bak de cakes in ± 40 minuten gaar. 
Laat de cakebodems afkoelen. Haal ze uit de vorm en snijd ze horizontaal doormidden. 
Meng de mascarpone, roomkaas en poedersuiker. Voeg een beetje rozenwater toe en proef. Als je het nu al goed naar rozen vindt smaken laat je het hierbij. Anders voeg je nog een beetje extra rozenwater toe. Laat de vulling nog een uurtje opstijven in de koelkast voordat je 'm verwerkt. 
Leg 1 plak cake op een mooie schaal. Verdeel hierover iets meer dan een kwart van de rozenmascarpone. Leg hierop weer een plak cake en verdeel vervolgens weer iets meer dan een kwart van de vulling erover. Verdeel hier de halve kersen over. Leg hierop weer een plak cake en vervolgens weer een laag mascarponevulling. Dek af met de laatste cakelaag. Smeer de laatste vulling over de bovenkant. Versier de bovenkant eventueel met wat rozenblaadjes. 

*) het wildplukken werd georganiseerd door Kroonophetwerk op uitnodiging van Celestial Seasonings ter gelegenheid van de introductie van hun biologische "theeën". 3 van de 4 van deze smaken mogen eigenlijk geen thee heten, want deze bestaan voor 100% uit gedroogde kruiden en specerijen. Er zit geen kruimel thee in. 

maandag 17 april 2017

Cake met kaneel, ananas en chocolade

roze roos in beige vaasje

Deze mooie roos - op het moment van het maken van de foto en het bakken van de cake stond ie al 2 weken - krijgt ook even aandacht. Net zoals ik met het koken restjes eigenlijk altijd weer ergens anders in gebruik (of gewoon opeet), kan ik een bos bloemen ook niet zomaar wegdoen als er een paar bloemen echt verwelkt zijn. Ik herschik een bos vaak 1 of 2 keer, en eindig met de laatste mooie bloem in een klein vaasje of glaasje. Dat was dan weer een kleurrijk detail op deze foto van het plakje cake.

zelfgebakken cake met kaneel ananas en chocolade


Cake met kaneel, ananas en chocolade

(recept van bijnanetzolekkeralsthuis)
  • 100 gram suiker
  • 50 gram bruine basterdsuiker
  • 100 gram zachte boter
  • 100 gram Griekse yoghurt
  • 3 eieren
  • 2 theelepels kaneel
  • 1 theelepel bakpoeder
  • 200 gram zelfrijzend bakmeel
  • 50 gram pure chocolade, grof gehakt (of gebruik druppels)
  • 4 schijven ananas, in kleine stukjes

Vet een cakevorm in en bestuif met bloem of bestrooi met paneermeel. Ik gebruik zelf een glazen cakevorm die ik niet invet. Ik leg alleen een stukje bakpapier op de bodem en los de cake als deze nog best warm is. 
Zet de oven aan op 175C. 
Klop de boter met de suiker in een paar minuten tot een romig geheel. Klop de yoghurt erdoor. 
Klop dan 1 voor 1 de eieren erdoor. Zeef kaneel, bakpoeder en zelfrijzend bakmeel boven de kom en meng dan snel door het beslag. Schep als laatste de chocolade en de ananas door het cakebeslag. Verdeel het beslag over de cakevorm en bak de cake op 175C in 50-60 minuten gaar. 

donderdag 26 januari 2017

Stoof van pompoen en kikkererwten met olijven en rozijnen (foodblogswap)


De eerste foodblogswap van 2017. Deze maand mocht ik koken van het blog van Marjolein: www.kookeetdeel.nl. Omdat er zoveel lekkere dingen te koken zijn, heb ik voor het avondeten vaak mijn weekmenu alweer volgepland. Voor de foodblogswap kies ik dan meestal iets om te bakken. Dat was deze maand wat lastig, want zoet staat er nauwelijks op. Gelukkig had ik het uitzoeken niet tot het einde van de maand bewaard, dus de pompoenstoof van Marjolein kreeg een plekje in mijn weekmenu. Ik wijzigde wat aan de verhoudingen en voegde nog wat extra specerijen toe. De pit van het pepertje heb je wel nodig vind ik, omdat het anders best een beetje zoet en weeïg wordt. 

Stoof van pompen en kikkererwten met olijven en rozijnen

(4 personen)
  • 800 gram flespompoen, in blokjes
  • 2+1 eetlepels olijfolie
  • 2 uien, in halve ringen
  • 1 klein, scherp rood pepertje, fijngehakt (of iets anders dat pit geeft)
  • 1 theelepel kaneel
  • 1 theelepel kurkuma
  • 1 theelepel paprikapoeder
  • 1 blik gepelde tomaten (of tomatenblokjes)
  • 100 gram rozijnen
  • 100 gram zwarte olijven, zonder pit en gehalveerd
  • 500 gram gare kikkererwten
  • zwarte peper en zout
Meng de pompoen met 2 lepels olie, doe in een grote ovenschaal of schep op een bakplaat, en zet ± 30 minuten in een oven van 180C tot de pompoen bijna gaar is. 
Verhit de andere lepel olie in een grote braad- of hapjespan en fruit hierin de ui en peper even aan. Doe een deksel op de pan en laat op het laagste vuur 5 minuten smoren. Voeg dan kaneel, kurkuma en paprikapoeder toe en bak even mee. Doe dan de tomaten erbij en nog zoveel water als er in het blik past. Breng aan de kook en plet de tomaten. Laat 10 minuten pruttelen. Meng rozijnen, olijven en kikkererwten erdoor en laat deze op laag vuur warm worden. Meng de pompoen erdoor en laat nog ± 10 minuten pruttelen tot de pompoen gaar is en de smaken ingetrokken zijn. Proef en voeg nog een beetje zwarte peper en zout naar smaak toe. 

donderdag 24 maart 2016

Rijstsafari - gestoomde rijst met kardemom, kaneel en sinaasappel

Of ik meeging op rijstsafari. Jammergenoeg niet in een land ver weg, maar in de Hortus van Amsterdam. De uitnodiging kwam van Tilda. De blauwe zakken basmatirijst had ik al wel eens voorbijzien komen bij de AH, en ik ken het van advertenties uit de BBC GoodFood. Het Verenigd Koninkrijk is natuurlijk als gevolg van haar koloniale verleden met India een basmatirijstland bij uitstek.
de rijstplant in de Hortus
Op rijstsafari dus. Een zoektocht was het wel. In de hortus staat welgeteld 1 rijstplant. Gelukkig hadden we een reisleider. Hij wist op vermakelijke toon over elk plantje wel iets bijzonders te vertellen. Daarnaast gaf hij nog een spoedcursus basmatirijst, de rijstsoort die Tilda verkoopt. Voor deze ochtend was mijn simpele redenering "rijst is rijst". Maar zo eenvoudig is het niet. Basmatirijst wordt zo bijzonder gevonden dat ook daar mee gesjoemeld wordt. Het bijzondere aan basmatirijst is het geurige aroma. Nepperds gebruiken geurstoffen om niet-basmiatirijst (lees: goedkopere) geurig te maken en wel voor het volle pond te verkopen. Er bestaat zelfs een Code on Practise of Basmati Rice Daarin staat dat om de naam basmatirijst te kunnen dragen er maximaal 7% andere rijst bij mag zitten. Een Duitse test van een aantal jaar terug wees uit dat dat ook niet zo nauw wordt genomen. Na een informatieve wandeling door de zonnige Hortus was het natuurlijk ook tijd om de rijst te proeven:

Een keuze uit het Tilda-assortiment kreeg ik nog thuisgestuurd. Daar zat ook gare rijst bij die je alleen nog hoeft op te warmen in de magnetron. Hoewel ik niet zo van de kant&klaar ben, vond ik degene die ik geproefd heb (Sweet chili&Lime) wel lekker. Je proefde de chili terug. Veel pakjes, zakjes en dergelijk zijn niet pittig genoeg. Onhandig vond ik de hoeveelheid. In mijn kookstijl is een zak voor 1 persoon te veel en voor 2 te weinig. En de zak is eigenlijk iets te hoog om goed in mijn magnetron te kunnen staan.

Het pak gewone basmatirijst gebruikte ik in dit recept voor gestoomde rijst met kardemom en kaneel en sinaasappel.





Gestoomde basmatirijst met kaneel, kardemom en sinaasappel

  • 850 milliliter water
  • 1 theelepel zout
  • 1/2 theelepel zwarte peper uit de molen
  • 10 kardemompeulen, gekneusd
  • 3 kaneelstokjes
  • 1 sinaasappel
  • 500 gram basmatirijst
  • 30 gram boter
Week de basmatirijst 15 minuten in koud water en giet af door een zeef. Doe de rijst in een ovenschaal van ± 20 bij 30 centimeter.
Boen de sinaasappel schoon. Schaaf met een dunschiller repen schil eraf, waarbij je ervoor zorgt dat je zo weinig mogelijk wit meeschaaft. 
Warm de oven voor op 180C.
Breng het water met zout, peper, kardemom, kaneel en sinaasappelschil aan de kook. Giet het kokende water bij de rijst en meng snel. Dek af met een vel bakpapier dat je goed (maar voorzichtig met het kokende water) op de rijst drukt. Knip de zijkanten iets bij als dat nodig is. Dek af met een vel aluminiumfolie en vouw de randen goed om de schaal. Laat de rijst in 25 minuten in de oven garen. Laat dan nog - afgedekt - een kwartier buiten de oven staan. 
Pers de sinaasappel uit. Smelt de boter en meng met sinaasappelsap. Giet dit over de gare rijst en meng snel met een vork. 
(PS het vel aluminiumfolie kun je waarschijnlijk hergebruiken, want daar komt alleen stoom op)

(methode en inspiratie van deze rijst met kerrieblad van Ottolenghi)

donderdag 11 februari 2016

Slof met kaneelcrème, appel en meringue


Mannetje Q is niet echt een mannetje meer. Een prepuber is hij, en hij gedraagt zich af en toe ook zo. Tijd om na te denken over wat voor onderwijs hij volgend jaar gaat volgen. Tijd om open dagen van middelbare scholen te bezoeken. Helaas vonden de weergoden het ook tijd voor regen op dat moment. Gelukkig konden we thuis weer bijkomen met warme koffie en een heerlijk stuk van deze slof met kaneel, appel en meringue.

De hoeveelheid deeg is voor 2 sloffenbodems. Ik vroor de andere helft in.


Slof met kaneelcrème, appel en meringue

  • 180 gram boter
  • 200 gram witte basterdsuiker
  • 2 gram zout
  • 1 eigeel (bewaar het wit voor de meringue)
  • 250 gram bloem
  • 10 gram bakpoeder
  • 2,5 deciliter melk
  • 1 ei
  • 25 gram suiker
  • 20 gram bloem
  • 1 theelepel kaneel
  • 50 gram rozijnen
  • 2 eetlepels citroenbrandewijn (of rum, of appelsap)
  • 1 goudrenet (± 200 gram)
  • 1 eiwit (over na het deeg maken)
  • 55 gram suiker
  • 20 milliliter water
Snij de 180 gram boter in blokjes en doe ze in een kom. Meng met de suiker, het zout en de eidooier. Dit kan met een handmixer met kneedhaken, maar ook met een keukenmachine. Het mag best iets zacht worden. Kneed de 250 gram bloem en bakpoeder er daarna door. Verpak het deeg in plastic folie (of boterhamzakje) en leg een uurtje in de koelkast.
Verwarm de oven voor op 160C, boven- en onderwarmte. 
Knip een stuk bakpapier ter grootte van de bodem van de vorm. Vet de zijkanten in en bestuif met bloem. Rol het deeg uit tot een ovale lap en leg deze op de bodem van de vorm. Knip een stuk bakpapier dat iets kleiner is dan de bodem en leg dit op het deeg. Leg hierop een blindbakvulling. Op deze manier krijg je een opstaande rand op de sloffenbodem. Bak de bodem in ± 35 minuten goudbruin en gaar. Laat de taart in de vorm afkoelen. Verwijder de blindbakvulling. 
Breng de melk aan de kook. Roer in een kom het ei met de suiker, bloem en kaneel glad. Giet er langzaam de hete melk bij en roer tot er geen klontjes meer zijn. Doe het mengsel terug in de pan en laat op laag vuur weer aan de kook komen. Roer de hele tijd, en schraap hierbij goed over de bodem. Laat de vla 1 minuut doorbluppen en giet dan in een diep bord om af te koelen. Roer af en toe om velvorming te voorkoming. Dek af met plastic folie (leg het folie op de vla) en zet in de koelkast tot je de slof gaat samenstellen. 
Doe de rozijnen in een pannetje met de citroenbrandewijn. Verwarm zachtjes. Schil ondertussen de goudrenet, verwijder het klokhuis en snijd in kleine blokjes. Doe de blokjes appel bij de rozijnen en kook met een deksel op het pannetje 2 minuten op hoog vuur. Zet dan het vuur uit en laat het mengsel afkoelen. Bewaar tot je de slof gaat samenstellen in de koelkast. 
Vlak voor serveren maak je de meringue en zet je alle elementen in elkaar. Verdeel de kaneelcrème over de bodem van de slof. Verdeel hierover de appelblokjes. 
Doe voor de meringue de suiker in een kleine steelpan met dikke bodem. Druppel het water erover en laat op laag vuur warm worden. Schud af en toe voorzichtig zodat de suiker oplost. Zet dan het vuur hoger en laat doorkoken tot een witte stroop van 121C. 
Klop ondertussen de eiwitten stijf. Giet, al verder kloppend, de hete siroop op het stijve eiwit en klop tot een stevig schuim. Klop nog een minuut of 2 door om de meringue wat af te laten koelen. Verdeel de meringue over de appel en brand het schuim lichtbruin met een bruleebrander. Of zet heel (!) even onder een hete grill.
Eet de slof meteen. Als je hem langer laat staan, zakt het schuim wat in. Nauurlijk is de slof de volgende dag ook nog lekker en eetbaar, maar net gemaakt is-tie het lekkerst. 

woensdag 2 december 2015

Speculaaskruiden zelf maken


Vandaag krijgen we bezoek. Dat klinkt chiquer dan het is hoor. We krijgen gewoon familie langs. Als iets lekkers bij de thee wilde ik zelf gevulde speculaas maken. Amandelspijs had ik nog liggen, maar ik had geen speculaaskruiden meer. Dus maar een nieuwe lading gemaakt. Een paar jaar geleden heb ik ook al een samenstelling voor speculaaskruiden geblogd, dus het mag wel weer. Deze keer maakte ik het zo.


Speculaaskruiden zelf maken


  • 1 stukje gedroogde sinaasappelschil
  • zaadjes uit 20 kardemompeulen
  • 1/2 steranijs
  • 6 kruidnagels
  • 1 theelepel anijszaad
  • 1/2 theelepel versgeraspte nootmuskaat
  • 1,5 theelepel witte peperkorrels
  • 1 theelepel korianderzaad
  • 2 theelepels gemberpoeder
  • 4 theelepels kaneel
Doe alle specerijen (ook degene die al gemalen zijn) bij elkaar in de koffiebonenmolen (of kleine keukenmachine) en maal tot poeder. Bewaar in een goed afgesloten potje. 



Om de specerijen goed fijn te malen gebruik ik een koffiebonenmolen. Die heb ik een jaar of 2 geleden gekocht en ik ben er nog steeds erg blij mee. Tijdens mijn weken op Ballymaloe werd er ook een koffiebonenmolen gebruikt om specerijenmengsels te maken. Daar leerde ik ook de manier om 'm schoon te maken: nadat je de specerijen eruit hebt gehaald, maal je een lepeltje rijst tot poeder. De rijst neemt bijna alle restjes specerijen mee. Veeg eventueel nog schoon met een stukje keukenpapier. 

Ik gebruik de koffiemolen niet alleen voor het maken van speculaaskruiden maar ook voor de kruiden voor in de spekkoek. Ook een lekker specerijenmengsel voor in een hartige taart met wortel of prei is prettig snel gemalen. Ook de mixed spices voor de Christmaspudding gingen er in. 

Voor de gevulde speculaas, of eigenlijk een speculaasstaaf, maakte ik gebruik van dit recept van Mannin. 

dinsdag 17 november 2015

Suikerbrood met gember en kaneel

Een tijdje terug moest er in een aflevering van Heel Holland Bakt suikerbrood worden gebakken. Dat kon ik ook wel weer eens doen, dacht ik. Dus bij deze. Ik heb het recept gebruikt dat ik zo'n 5 jaar geleden al eens eerder postte. Toevoeging is dat ik nog extra gember in de vulling stopte, want de gembersiroop door het deeg zelf proefde ik niet zo. 




Suikerbrood met gember en kaneel

(2 broden)
  • 700 gram bloem
  • 2 theelepels zout
  • 20 gram suiker
  • 3,5 dl melk, lauwwarm
  • 20 gram gedroogde gist
  • 2 eieren
  • 40 gram gesmolten boter
  • 150-200 gram grove kandijsuiker
  • 3 theelepels kaneel
  • 6-8 gemberbolletjes, fijngehakt
Zeef bloem en zout in een kom. Doe de suiker erbij.
Roer de gist door de lauwe melk en laat 10 minuten staan.
Klop de eieren los met de gesmolten boter. 
Meng de melk door de bloem. Roer, op een klein beetje na, het eimengsel erdoor. Kneed in 8-10 minuten tot een soepel deeg. Doe het deeg in een kom en dek af met plastic folie. Laat het deeg op kamertemperatuur minimaal een uur rijzen tot het in omvang is verdubbeld. 
Verdeel het deeg in tweeën. Rol elke helft uit tot een lap die iets smaller is dan de broodvorm en zeker 30 cm lang. Bestrooi goed met kaneel en verdeel de kandijsuiker en gember erover. Rol het deeg vanaf de korte kant op en knijp de zijkanten een beetje samen zodat bij het bakken de suiker in het brood blijft. Leg het brood in de vorm. Dek af met een theedoek en laat nog een uur rijzen.
Verwarm de oven voor op 200C. Bestrijk het brood met het restje van het eigeel. Bak de broden ± 30 minuten in de oven. Haal ze voorzichtig uit de vorm. Als er suiker heeft gelekt, kun je je daar erg aan verbranden. Laat afkoelen op een rooster. 

vrijdag 11 september 2015

Rijstevlaai met kaneel en bramen

Van de week heb ik iets bijzonders gedaan. Ik heb voor de eerste keer een aflevering van Heel Holland bakt bekeken. Voor mij is dat bijzonder omdat ik nauwelijks tv kijk. Ik lees wel veel kookbladen en kookblogs, maar om de een of andere reden kan ik voor tv niet zoveel geduld opbrengen. Ben ook benieuwd of ik ze allemaal ga kijken. In elk geval zorgde deze aflevering met vlaai, abraham of sara en kokoskransen voor bakinspiratie. 

Mannetje Q keek het laatste stukje mee, en vraagt nu geregeld of ik nog een aflevering heb gezien. Die moeten nog komen heb ik uitgelegd. Zijn interesse zal wel niet zo veel met het bakken te maken hebben maar vooral met zijn schermpjesfocus. Zijn interesse in deze rijstevlaai was ook al nihil. Ik hoop dat er nog afhalers voor een stuk komen, want deze krijg ik echt niet in mijn eentje op. Anders ga ik de buren maar blij maken. 

Om in de Heel Holland bakt-manie mee te gaan heeft kookwinkel Oldenhof op facebook een soort mini-HHB, maar dan #heeloldenhofbakt. Deze rijstevlaai met kaneel en bramen heb ik daarvoor ingezonden. Beetje jammer dat het me niet lukte om het paarsrood van de bramen mooi op de foto te krijgen. 


Rijstevlaai met kaneel en bramen

(vorm met losse bodem van 26-28 centimeter doorsnee)

  • 1,2 deciliter melk
  • 10 gram droge gist
  • 10 gram suiker
  • 200 gram bloem
  • 2 gram zout
  • 20 gram zachte boter + voor invetten
  • 1 eidooier (bewaar eiwit voor de rijst)
  • 1 liter volle melk
  • 200 gram dessertrijst
  • 50 gram suiker
  • 2 theelepels kaneel
  • 2 eetlepels mascarpone (of scheutje slagroom)
  • 1 eiwit 
  • 200 gram bramen (mag diepvries)
  • 1 blaadje gelatine
  • 1-2 eetlepels honing
  • beetje gesmolten witte chocolade voor de afwerking
Vet de vorm in met wat boter. 
Verwarm de melk tot 37C en roer de gist erdoor. Laat 5 minuten staan. Roer dan de suiker erdoor. 
Meng bloem en zout in de kom van de broodbakmachine. Voeg boter, melkgistmengsel en eidooier toe. Kneed in 7-10 minuten tot een soepele deegbal. Leg de bal in een ingevette kom en dek af met plastic folie, een vochtige theedoek of deksel. Laat het deeg ± 1 uur rijzen tot het in omvang verviervoudigd is. 
Breng voor de rijstepudding de melk, rijst, suiker en kaneel aan de kook. Laat 12-14 minuten op laag vuur pruttelen (zonder deksel op de pan) tot de rijst gaar en zacht is. Roer heel geregeld, want het koekt snel aan. Giet de rijstepudding op een platte schaal en roer af en toe door om snel een stuk af te koelen. 
Verwarm de oven voor op 180C. 
Rol het deeg dun (± 2 millimeter) uit. Zorg dat het echt een dunne lap is, want het deeg - zeker de korst - rijst nog en je wilt geen dikke broodkorst aan je rijstevlaai. Laat de deeglap nog 10 minuten rusten/rijzen en bekleed dan de vorm ermee. Snijd overhangende restjes af. 
Klop het eiwit stijf. Roer de mascarpone door de rijstepudding om deze iets losser te maken. In de oven verdampt er nog wat vocht en je wilt wel een smeuïge vulling. Spatel het eiwit door de rijst. Verdeel de rijstepudding over de deegbodem en bak de rijstevlaai in 25-30 minuten gaar. Laat een half uurtje in de vorm afkoelen en daarna op een rooster. 
Week het blaadje gelatine ± 5 minuten in koud water.
Pureer de bramen en zoet daarna met honing naar smaak. Verwarm 2 eetlepels van de puree en los hierin de uitgeknepen gelatine in op. Roer door de rest van de bramenpuree. Verdeel de puree over de bovenkant van de taart en laat nog 2 uur in de koelkast koelen. 
Versier de bovenkant eventueel nog met wat gesmolten witte chocolade of bestrooi met fijngehakte witte chocolade. 


(bron vlaaideeg: recept op de site van Heel Holland bakt)

donderdag 19 februari 2015

Spruitjes met pomelo en steranijs

De laatste keer thuisafgehaald bij mij thuis was weer een Ottolenghi-feestje. Deze keer - meer of minder - uit Plenty More. Bij de mungbonen met wortel, de pompoen met chiliyoghurt en deze spruitjes heb ik wel bijna het recept gevolgd. De knolselderij was vagelijk gebaseerd op een recept en de rijstsalade met gerookte bietjes dankt zijn bestaan meer aan de foto bij het recept dan het recept zelf. 

Ik kook meestal teveel. Het lekkere van zoveel gerechten is dat alles door elkaar ook heerlijk de volgende dag als lunch smaakt.

Ik zelf proefde bij deze spruitjes de steranijs niet echt terug. Als ik het nog een keer zou maken, zou ik de steranijs grof hakken en misschien wat meer gebruiken. 


Spruitjes met pomelo en steranijs

  • 50 gram suiker
  • 1 kaneelstokje
  • 3 steranijs
  • 1 eetlepel citroensap
  • 1/2 pomelo
  • 500 gram spruitjes
  • 150 gram sjalotjes
  • 3 eetlepels olijfolie
  • verse koriander
Breng suiker, kaneelstokje, steranijs en 50 ml water aan de kook. Laat de suiker oplossen en zet dan het vuur uit. Roer het citroensap erdoor en laat afkoelen. 
Maak de pomelo schoon. Verwijder witte vliezen en breek het vruchtvlees uit de vrucht. Breek elk partje in stukjes en doe ze in een kom. Doe de afgekoelde siroop erbij en laat minimaal een uur marineren. Langer kan prima. 
Maak de spruitjes schoon en snijd ze in 2-3 plakjes. Pel de sjalotjes en snijd ze ook in 2-3 plakjes. Breng water aan de kook met wat zout. Kook de spruitjes hierin 2 minuten en spoel ze dan af met koud water en laat ze uitlekken. Meng de spruitjes, sjalotjes en de olijfolie in een ovenschaal. Rooster de spruitjes in een oven van 200C ± 30 minuten tot ze een beetje beginnen te verkleuren. 
Giet de pomelo af en vis de steranijs en het kaneelstokje eruit. Meng de spruitjes met de pomelo en meng er een klein beetje van de siroop erdoor. Breng verder op smaak met peper en zout. Bestrooi met koriander. 

zaterdag 7 februari 2015

Hartige taart met pompoen, blauwe kaas en membrillo

Het idee om membrillo op deze manier te verwerken komt uit Plenty More van Ottolenghi. Het klinkt een beetje vreemd, omdat ik mijn membrillo meestal in kleine blokjes bij een kopje koffie eet. Aan de andere kant, membrillo is een klassieke begeleider van manchego, de pittige schapenkaas uit Spanje. Ik vond het in elk geval een geslaagde combinatie zo. 


Hartige taart met pompoen, blauwe kaas en membrillo

(quichevorm met losse bodem van 24 cm doorsnee)
  • 150 gram bloem
  • 50 gram volkorenmeel
  • snuf zout
  • 2 eetlepels maanzaad
  • 100 gram koude boter, in blokjes
  • ± 2 eetlepels ijskoud water
  • 1 kilo (muskaat)pompoen (schoon gewicht), blokjes
  • 1 theelepel kaneel
  • 2 eetlepels olijfolie
  • 3 eieren
  • 1 deciliter slagroom
  • 1 deciliter crème fraîche    
  • peper, zout
  • 1 theelepel verse tijmblaadjes
  • 150 gram fourme d'ambert, in kleine blokjes
  • 100 gram membrillo, in kleine blokjes
  • 1 rode ui, in kwartringen
  • 1 theelepel frambozenazijn
Meng de bloem, zout, maanzaad en boter in de keukenmachine tot een kruimelig mengsel. Meng er 1 lepel koud water door en meng snel tot een deegbal. Voeg iets meer water toe als dat nodig is. Verpak de bal in plastic folie (of gebruik een boterhamzakje) en laat een half uurtje (of langer) in de koelkast rusten. 
Knip bakpapier op maat van de bodem van de vorm en leg het in de vorm. Vet de zijkanten in. 
Verwarm de oven voor op 180C. 
Deegbodem en pompoen kunnen tegelijk in de oven. 
Rol het deeg uit tot een cirkel van 28 cm doorsnee en leg deze in de vorm. Leg hierop weer een vel bakpapier of siliconenvel. Verzwaar met een blindbakvulling (bijv. overjarige gedroogde peulvruchten - her te gebruiken voor dit doel). Bak de deegbodem 20 minuten met de blindbakvulling. Verwijder deze dan en ook het vel waarop dit lag en bak nog 15 minuten. 
Meng de kaneel met de olie. Schep dit door de pompoenblokjes, samen met wat zout. Verdeel de pompoen over een bakplaat en rooster de pompoen in 30-40 minuten gaar. Laat de oven aan. 
Terwijl de pompoen in de oven zit, kun je de eivulling maken. Klop hiervoor de eieren los met de slagroom en crème fraîche en breng op smaak met peper, zout en tijm. 
Meng de ui met de azijn en een lepel water en verwarm even in de magnetron. Laat staan totdat je de taart gaat vullen en giet dan af. 
Verdeel de pompoen over de voorgebakken bodem. Giet het eimengsel erover. Verdeel de blokjes fourme d'ambert, blokjes membrillo en de uiringen erover. Bak de taart in 35-40 minuten gaar. 

zaterdag 16 augustus 2014

Paprikatomatensaus met zoete hint

Een saus van paprika en tomaat, moet ik daar nu een recept voor posten? Misschien lijkt het een basisrecept, maar deze is toch weer een tikje verrassend. Ik maakte 'm bij gehaktbrood met olijven en een bulgurgerecht. Dit was eigenlijk de groentecomponent van de maaltijd.

Paprikatomatensaus met zoete hint

(4 personen)
    afbeelding-tomaten
  • 1 eetlepel olijfolie
  • 1 ui, gesnipperd
  • 1 teentje knoflook
  • 1 rode peper, fijngehakt
  • 1 blikje tomatenpuree
  • 1 blik gepelde tomaten
  • 800 gram paprika, in reepjes
  • 1,5 theelepel kaneel
  • 1 eetlepel honing
  • 1 theelepel citroensap
  • zout
Verhit de olie in een hapjes- of braadpan. Fruit de ui een paar minuten. Fruit de knoflook en peper een minuutje mee. Voeg dan de tomatenpuree en de inhoud van het blik tomaten toe en een half blik water. Plet de tomaten met een lepel. Breng aan de kook en voeg paprika, kaneel, honing, citroensap en zout naar smaak toe. Laat 15 minuten pruttelen. 
Proef en voeg eventueel nog wat honing, citroensap of zout toe.